Berichten

Vakantie naar het buitenland zat er niet in deze zomer, ik wilde daar toch niet teveel risico in nemen. Maar we wilden er toch even uit, al was het maar om even iets anders te zien dan ons eigen huis. Het werden twee gezellige weken in Olburgen, Gelderland.

Droomparken Marina Strandbad Olburgen

Geen idee meer hoe we bij Marina Strandbad kwamen, maar het was vooral de locatie (aan het water) die ons aansprak. De nieuwe huisjes zagen er lekker fris, modern en comfortabel uit. Bij het reserveren kozen we dan ook voor een huisje wat zo dicht mogelijk bij het water en het restaurant zat.

Wel een teleurstelling dan dat we bij aankomst juist een huisje toegewezen kregen helemaal aan de andere kant van het park. Na het betuttelende ‘maar dit is maar een klein park, de afstanden zijn niet zo groot’, maakte ik even op z’n Rotterdams duidelijk dat die vlieger voor mij niet opging.

Later kregen we nog wel excuses, extra handdoekenpakketten en ontbijtboxen om het goed te maken. Wat bleek nou: het huisje wat we op de website uitgekozen hadden, was nog niet eens gebouwd!

Verder zou ik dit park absoluut niet aan rolstoelgebruikers aanraden. Veel te veel grind en drempels om je fatsoenlijk te kunnen verplaatsen. Ik weet ook niet of ze echt rolstoeltoegankelijke huisjes hebben. Zelf heb ik binnenshuis niet echt aanpassingen nodig, dus gingen we voor een gewoon huisje. Maar dan nog was het daarbuiten wat teleurstellend wat betreft toegankelijkheid.

Maar los van dat een knus klein vakantiepark aan het water met ook nog een buitenzwembad en een gezellig restaurant.

Suppen en de schaduw opzoeken

De twee weken dat we op vakantie waren, zaten we middenin de hittegolf. Omdat het vakantiepark vrij recent vernieuwd was en al het groen nog moest groeien, was er vrijwel geen schaduw bij het huisje. Er zat niets anders op dan verkoeling zoeken bij het water. Daar waren wel bomen en struiken die voor schaduw zorgden, samen met uitzicht op en een verkoelende wind vanaf het water.

Deze zomer had mijn man een SUP board gekocht, welke we uiteraard mee hadden genomen. We hebben we één waar je met twee volwassenen op kan, een aardig grote dus. En al bak ik zelf niks van dat suppen (Stand Up Paddle), ik heb me prima zittend/liggend vermaakt op dat board terwijl mijn man aan het peddelen was.

Met de bootjes die regelmatig voorbij kwamen en voor golven zorgden, was erop blijven zitten al meer dan genoeg uitdaging voor mij. Eén keer ben ik eraf gevallen, dat was wel een vreemde gewaarwording. Ik zwem al jaren niet meer, omdat het me alleen maar pijn oplevert. Maar na koppie onder te zijn gegaan, begon ik uit reflex toch te watertrappelen. Geen fijn gevoel en omdat ik zonder vaste ondergrond ook niet op het board kon komen, bleef ik maar drijvend eraan hangen tot mijn man ‘m naar ondieper water had gebracht.

De kinderen hebben niet eens zoveel gesupt als we verwacht hadden, maar mijn man heeft zich er uren mee weten te vermaken, met of zonder mij.

Wandelen in de omgeving

Misschien is het niet alleen het vakantiepark, maar zijn er in de Achterhoek wel meer fan van grind (ja hoor, zelfs op een gehandicaptenparkeerplaats!), kinderkopjes en zandpaden. We kwamen het vaak genoeg tegen.

Behalve in Olburgen zelf hebben we ook plaatsen in de omgeving bezocht, zoals Dieren, Doesburg, Arnhem en Bronkhorst. Vooral al die oude straatjes vind ik leuk om te zien, alsof je even terug gaat in de tijd.

Toen mijn man en dochters aan het klimmen waren in een Klimbos in Ruurlo, heb ik een poging gedaan om een stukje door het bos te rollen. Was niet te doen. Het klimbos zelf kwam ik niet in, omdat het zand daar zo los was. Daarbuiten was het ietsje beter te doen, maar nog steeds geen pretje.

Dus al was het wandelen voor mij alleen maar rollen (met Smartdrive en Freewheel), het was absoluut niet minder vermoeiend!

Fietsen Hoge Veluwe

Ik was nog nooit eerder naar park de Hoge Veluwe geweest, maar wat is het hier mooi zeg! En goed geregeld ook. Je kunt er gratis witte fietsen gebruiken, of fietsen huren. Je betaalt wel entree om het park in te mogen, maar als je een gehandicaptenparkeerkaart hebt, mag de auto gratis het park in en mag er één begeleider gratis mee. Dat vind je trouwens alleen op de website als je er gericht naar zoekt, dus hadden wij meer betaald dan nodig was. Maar goed, het was het zeker waard!

Wij huurden een tandem voor de meiden en een rolstoelfiets. De speciale fietsen voor mensen met een beperking zijn trouwens ook gratis, moeten wel gereserveerd worden.

Zo’n rolstoelfiets had ik nog nooit eerder geprobeerd, dus dat was wel even spannend. Zelf geen controle hebben over waar je heen gaat, is niet iets waar ik me prettig bij voel. En je voelt elke beweging van de fietser door dreunen in je lijf. Nu kan mijn man behoorlijk stabiel fietsen, maar voor mijn dochters was dit behoorlijk lastig en werd de berm ook nog weleens meegenomen. Tegenliggers zijn ook een uitdaging met zo’n brede fiets, het paste net niet op de fietspaden. De autoweg fietste dan een stuk ontspannender.

En het was wel ontzettend gezellig om zo met z’n vieren te fietsen. Die meiden waren lekker aan het giebelen en stunten met de tandem. En verder gewoon volop genieten van dat prachtige park.

Kröller-Müller Museum

Op dezelfde dag als dat we door het park de Hoge Veluwe fietsten, gingen we naar het Kröller-Müller museum, wat zich ook in het park bevindt. Hier had ik wel vooraf op de website gezien dat een ‘gehandicaptenbegeleider’ gratis was. Het museum is binnen helemaal rolstoeltoegankelijk, buiten ook wel te doen, maar wat hobbelig.

Zelf ben ik niet zo’n kunstkenner, maar ik vond het erg leuk om van mijn dochter te horen wat zij erover wist te vertellen. En om al die prachtige schilderijen in het echt te zien, is heel anders dan op een foto.

En hoe heb jij je deze zomer vermaakt? Nog weggeweest of dichtbij huis gebleven?

één van de zalen van Escher in het paleis met werk van Escher en een kroonluchter in de vorm van een pijp

Zo langzaamaan proberen we er toch af en toe eens een dagje op uit te gaan. Vorige week was dat een bezoekje aan Escher in het paleis.

Voorbereidingen aan een ‘spontaan’ bezoek

Eerst heb ik natuurlijk even bekeken of ik er in de buurt kon parkeren en er zijn meerdere gehandicaptenparkeerplaatsen in de buurt van het museum. Die voor de deur had ik gemist dankzij mijn verouderde navigatie. Met mijn eerdere rij-ervaringen in Den Haag had ik moeten weten dat ik niet op dat ding kon vertrouwen en had ik gewoon mijn telefoon moeten gebruiken. Nu stonden we net iets verder, maar was ook prima te doen.

Op de website had ik gelezen dat reserveren per 1 juli niet meer verplicht was (wel aan te raden in verband met een maximum aantal bezoekers) en dat ik met mijn Rotterdampas sowieso aan de kassa een ticket moest halen. Ook staat er dat ze het graag voorafgaand aan het bezoek willen weten als je een rolstoel gebruikt, zodat ze de rolstoelplank klaar kunnen leggen.

Maar ik had al gezien dat met de paar treden bij de ingang het meer moeite voor het personeel zou kosten om die plank daar neer te leggen, dan voor mij om even uit te stappen en die paar treden zelf te lopen. En binnen is er wel een lift, dus ik zag geen problemen om gewoon op de bonnefooi te gaan. Wel rekening houdend dat het niet door zou gaan als het te druk zou zijn.

De mevrouw aan de kassa leek er iets meer moeite mee te hebben dat rolstoelgebruikers ook weleens iets spontaan willen doen. Zuchtend belde ze een collega: ‘Ja maar mevrouw zit in een ROLSTOEL en is al binnen.’ Blijkbaar zaten ze toch net aan het maximum aantal bezoekers en leek ze moeite te hebben mij weg te sturen, omdat ik in een rolstoel zit. Mag gewoon hoor. Ik kies er zelf voor om de gok te nemen en uit mijn rolstoel te stappen om binnen te komen. Maar goed, we mochten dus toch naar binnen.

Toegankelijkheid in het paleis

Op de website staat al duidelijk aangegeven wat er wel en niet mogelijk is als je met rolstoel Escher in het paleis bezoekt. Een elektrische rolstoel zou bijvoorbeeld niet op de rolstoelplank kunnen en er is geen toegankelijk toilet.

De lift is niet ideaal: klein, met soms een drempel en de deur is erg zwaar. En hij bevindt zich vlak voor de trap, dus je moet niet teveel vaart nemen bij het uit de lift komen. Nu heb ik in een museum toch altijd mijn Smartdrive uit staan om ongelukken te voorkomen. Maar even wat extra kracht zetten om èn de deur open te houden èn de drempel over te komen, is wel spannend zo bovenaan een trap. Gelukkig is er meestal wel een medewerker in de buurt om de deur open te houden. Of één van mijn kinderen, die niet zo’n fan zijn van liften en gewoon de trap namen.

Vaste looproute vanwege Coronamaatregelen

De vaste looproute die er is, heeft geen rekening gehouden met liftgebruikers. Zo kom je op één van de verdiepingen uit op een trap en moet je tegen de looprichting weer terug om naar de lift te gaan. Eenmaal een verdieping hoger was ik natuurlijk mijn kinderen kwijt, die wèl de trap hadden genomen en ergens anders uit waren gekomen. Geen zorgen hoor, ze zijn 13 en 17 jaar en weten zich prima te redden.

Qua drukte leek het hoe hoger je kwam, hoe rustiger het werd. Ik vraag me dan af of bezoekers gemist zouden hebben dat er meer is dan alleen de begane grond. Dat zou zonde zijn zeg!

Ook op de begane grond waar het net iets drukker was, was het trouwens goed te doen om afstand te houden. En die keer dat ik tegen de richting in moest om naar de lift te gaan, had niemand daar last van.

Eenmaal toe aan de uitgang was het even puzzelen waar ik eruit moest. Door de looproute gingen anderen via de trap en de kelder naar buiten. Maar toen ik met de lift beneden kwam, werd ik toch weer naar de begane grond gestuurd, omdat je vanuit de kelder weer een trap omhoog moest om naar buiten te komen.

Alle moeite meer dan waard!

We hebben alle drie erg genoten van ons bezoekje aan Escher in het paleis. Sowieso is het een prachtig gebouw om te zien. En behalve het werk van M.C. Escher zelf is er ook werk van andere kunstenaars (geïnspireerd door Escher) te zien. De kroonluchters vond ik echt supermooi en helemaal passen in de prachtige oude zalen.

Voor mijn dochters, die zelf ook graag tekenen en schilderen, was het ook leerzaam om te zien welke technieken Escher gebruikte, hoe hij zijn stijl ontwikkelde in de loop van de jaren. En ook om te ontdekken dat hij helemaal niet zo’n goede leerling was op de middelbare school, haha!

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Een bericht gedeeld door Jacqueline (@jacqueline_salamistinkt) op

Een ander perspectief…

En als je het hebt over Escher, dan heb je het ook over perspectief. Wat mij bij dit bezoek meer dan anders opviel, is dat je vanuit een rolstoel een heel ander perspectief hebt. Op de Instagramfoto hieronder zie je een deuropening met zwarte lijnen. Die zwarte lijnen vormen samen een kubus, maar die zie je maar vanuit één punt zo. En wel vanuit staand oogpunt, zittend zie je de lijnen niet samenkomen.

Nu hangt er ook een camera en kun je vanaf een tv-scherm zien wat je zou moeten zien. Maar ik vond dit wel een opvallend verschil.

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

So today I was at a museum with my daughters. It was at @escherinpaleis where M.C. Escher’s work also shows how he explored different perspectives. And I would like to show another different perspective, the view I have from my wheelchair. At the museum there were lines which formed a cube, but you could only see it from one point, standing up. (There was also a camera, so I could see it on a tv screen as well.) It makes such a difference if you view something standing up or sitting down. Last weekend I was walking with my husband to a shop where I would normally use my wheelchair. And it was so weird, it was like I was in a different town, it just didn’t look the same. #wheelchair #WheelchairLife

Een bericht gedeeld door Jacqueline (@jacqueline_salamistinkt) op

Ben jij weleens bij Escher in het paleis geweest? Wat trekt jou hierin aan?

duinen Egmond vlinders

Pas was ik op zoek naar een foto en bladerde ik door mijn digitale fotomapjes. Daarbij viel het me op dat we een paar jaar geleden veel vaker uitstapjes maakten dan nu. Daar moest verandering in komen. Dus boekte ik een nachtje in een hostel en ging ik met mijn twee meiden op pad.

Wandeling door Egmond aan Zee

Van tevoren had ik al even gekeken wat er te doen was in Egmond aan Zee. En zo kwam ik op een audiotour door het dorp. Een wandeling van zo’n vier kilometer, dus dat is nog leuk om te doen, ook als je kinderen niet van wandelen houden. Terwijl je loopt, houdt de app bij waar je bent en vertelt wat over de geschiedenis en bezienswaardigheden waar je langsloopt.

Bijna de hele route was ook goed met rolstoel te doen, op één stukje strand na. Daarbij bleven wij gewoon over de boulevard lopen en dat was ook prima.

Ik vond het wel interessant om zo wat over de geschiedenis van Egmond aan Zee te weten te komen. Vooral ook over de koloniehuizen, waar vroeger ‘bleekneusjes’ (zieke kinderen uit een achtergesteld milieu) kwamen aansterken in de zeelucht. Mijn schoonmoeder is hier ook als kind geweest, dus dan leeft het toch nog iets meer, ook bij mijn kinderen.

Stayokay Egmond

We gingen maar voor een nachtje weg, dus een luxe hotelkamer was niet nodig. Vandaar dat we kozen voor Stayokay Egmond, hier namen we een 4-persoons kamer met z’n drieën. Ik had bij de opmerkingen wel vermeld dat ik met een rolstoel kwam en dus graag op de begane grond een kamer wilde, of een kamer die met een lift te bereiken was. Het was maar één dag van tevoren dat ik een kamer boekte, dus ik had geen hoge verwachtingen.

Maar we kregen dus een kamer met rolstoeltoegankelijke badkamer, heel fijn! Want ook al kan ik ook gebruik maken van een gewone badkamer, deze was hier toch wel zo klein dat ik me er moeilijker in zou kunnen bewegen. En de toegankelijke badkamer was heel ruim, met een douchestoel en een toilet met beugels. De verlichting had wel wat kuren, de sensor werkte niet echt. Ik kreeg de tip om ‘m dan maar met een tik van een bezemsteel aan te zetten en dat werkte.

De slaapkamer zelf was niet bijzonder comfortabel. Twee stapelbedden met harde matrassen en te zachte kussens. Maar na een dag buiten uitwaaien, sliepen we als roosjes.

Vlindertuin Vlindorado

De volgende dag regende het, maar we wilden nog niet meteen naar huis. Dus dan maar op zoek naar een overdekt uitje. In Waarland is vlindertuin Vlindorado, dat leek ons wel wat.

De vlindertuin is goed toegankelijk met rolstoel, je rolt hooguit tegen een paar natte bladeren aan. En er is een kapstok, zodat je niet met je dikke winterjas de warme kas in hoeft. Er was vooraf gezegd dat de vlinders niet veel vliegen vanwege de kou, maar ik heb er meer gezien dan de laatste keer dat ik in Blijdorp in de vlindertuin was. Dat viel dus niet tegen! Ook is er nog een volière en een rupsentuin, maar rupsen heb ik niet kunnen vinden.

Het is niet heel erg groot, met een uurtje heb je het wel gezien. En terwijl ik een kopje thee op het terras dronk, deden mijn meiden nog een rondje. Daarbij zagen ze een vlinder die in de vijver terecht was gekomen en werd opgegeten door een schildpad. Echt een beetje zielig…

Shoppen in Alkmaar

Het viel eigenlijk wel mee met de voorspelde regen, dus besloten we ook nog even het centrum van Alkmaar in te gaan. Vooraf zocht ik naar gehandicaptenparkeerplaatsen om naartoe te navigeren. En waar er bij de hostel en de vlindertuin geen gehandicaptenparkeerplaatsen waren, stikte het in het centrum van Alkmaar hiervan.

We hebben wat rondgekeken in de grote en kleine winkelstraten. Ik kocht nog een mooi stofje in een stoffenwinkel en een kaasje voor mijn man die gewoon moest werken deze dagen en dus niet mee kon. En de dames vermaakten zich ook wel met shoppen.

Die oude binnenstad is overigens niet zo fijn om te rollen. De grote winkelstraten met grote winkels gaan wel, maar juist die leuke smalle straatjes met kleine winkels zijn minder. Veel hobbels en gaten in de weg, hoge drempels bij winkels. Ik hield het dan ook niet heel erg lang vol met al dat getril en gestuiter. Had er ‘s avonds en de volgende dag ook echt wel veel pijn van, maar dat kan van allebei de dagen samen zijn.

Maar dit leuke uitje met mijn dochters was die pijn wel waard!

In dit artikel is gebruik gemaakt van affiliate links. Daar merk jij verder niks van, maar mocht je op de link van Stayokay klikken en daar wat boeken, dan help je mij aan een paar centen.

conferentie naar inclusiever onderwijs

Afgelopen woensdag was ik een dagje in Bussum voor de startconferentie Naar Inclusiever Onderwijs. Eigenlijk met wel drie petten op. Pet één was om de ontwikkelingen in kinderopvang en onderwijs bij te houden om over te kunnen dragen aan mijn studenten Pedagogisch Medewerker en Onderwijsassistent. Pet twee als docent in het mbo, om te zien wat wij in het mbo kunnen doen om het onderwijs inclusiever te maken. En pet drie als chronisch zieke/EDS’er/rolstoelgebruiker: is dit nu wel wat ik verwacht van een inclusieve samenleving?

Als je kijkt naar het plaatje hierboven met de cirkels, is de inclusieve school nu nog ver te zoeken. Bij deze conferentie hoopte ik geïnspireerd te raken. Maar ook mijn kritiek kwijt te kunnen. Om uiteindelijk ook bij te kunnen dragen aan stappen in de richting van inclusief onderwijs.

Opening Naar Inclusiever Onderwijs

Bij de opening kwamen een aantal sprekers aan het woord. Minister Arie Slob had het meteen al voor me verpest toen hij zei dat er twee soorten mensen waren: mensen met een beperking en mensen die denken dat ze geen beperking hebben. Nee, niet iedereen heeft een beperking! En mensen die denken dat ze geen beperking hebben, hebben hier dus geen last van, dat is juist wat die hele beperking inhoudt.

Adriana van Dooijeweert sprak met duidelijk meer kennis over het onderwerp als voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens. Onder andere benoemde ze het principe: Nothing about us without us. Om de rechten van de mensen met een handicap in de praktijk te brengen, heb je mensen met een handicap nodig om te zien wat er nodig is.

Er volgde een panelgesprek, waarbij de panelleden op bijzonder knullige manier aangekondigd werden. De lopende panelleden werden uitgenodigd, de panelleden met rolstoel zouden wel even gehaald en vanuit de coulisse gerold worden. Bijzonder respectloze woordkeuze, zeker als je het hebt over inclusie en wil dat iedereen meetelt.

Wim Ludeke (voorzitter LESCO) benoemde het belang van kennis en kunde delen tussen speciaal en regulier onderwijs. Want dat kinderen samen kunnen opgroeien en samen naar school kunnen gaan, is ontzettend belangrijk. Lobke Vlaming (directeur Ouders & Onderwijs) was terecht wat kritisch. Vanuit ouders komen nog teveel berichten dat het niet goed gaat met inclusief onderwijs. Leraren voelen zich vaak nog handelingsonbekwaam op dit gebied. Rick Brink (minister van Gehandicaptenzaken) gaf met humor en praktijkvoorbeelden aan hoe belangrijk het is om als kind naar een school in de buurt te kunnen.

Tot slot volgde een supersnelle presentatie van Mel Ainscow (hoogleraar Universiteit van Manchester) over hoe inclusief onderwijs volgens hem aangepakt moet worden. Daar had ik graag meer over willen horen, maar er waren zoveel interessante workshops om uit te kiezen, dat ik niet bij die van hem geweest ben.

Workshop Jongerenteam Deltion

Met dit filmpje begon de eerste workshop die ik volgde, een leuke binnenkomer. Deze workshop werd gegeven door medewerkers van het Deltion College (mbo) in Zwolle. Zij legden uit dat er bij de intake van studenten met een beperking al een ambulant begeleider vanuit het speciaal onderwijs of een loopbaanadviseur gericht op passend onderwijs bij de intake aanwezig is.

In de eerste lijn spreken ze van passend onderwijzen: de basis moet op orde zijn met een pedagogisch/didactisch klimaat waarin ruimte is voor handelingsgericht werken. In de tweede lijn zijn de loopbaanadviseurs van het studiesuccescentrum (passend onderwijs) en daarnaast het jongerenteam (jeugdhulpverlening) beschikbaar binnen de school.

Dat jongerenteam bestaat uit hulpverleners vanuit verschillende organisaties die ook deels in dienst zijn van de school. Deze zijn gericht op jeugdhulp, verslavingszorg, GGZ, leerplicht, enzovoort. Het jongerenteam was in eerste instantie vooral op niveau 1 en 2 gericht, maar nu ook steeds meer voor niveau 3 en 4. Het verschil daartussen is dat je bij niveau 1 en 2 vaker studenten tegenkomt waarbij de problematiek al in beeld is. Terwijl studenten van niveau 3 en 4 vaker later pas aan de bel trekken.

De lijntjes zijn kort, waardoor de studenten snel terecht kunnen. Er zitten wel grenzen aan de hulpverlening binnen de school, in sommige gevallen zal er toch doorverwezen worden.

Een effect op het voortijdig schoolverlaten is nog niet zichtbaar, maar ik ben zelf ook van mening dat dat niet het belangrijkste is. Belangrijker is dat studenten op hun plek zijn bij de opleiding die ze volgen en zich daarbij fijn voelen.

Workshop ‘Dat kind hoort hier wèl!’ – IKC de Ark

Deze workshop had ik gekozen vanwege de titel en omdat deze door twee IKC’s (Integraal KindCentrum, waar opvang en onderwijs bij elkaar aangeboden wordt) werd gegeven. Toevallig kende ik één van die IKC’s, omdat studenten van ons er ook stage lopen, zowel in de kinderopvang als in het basisonderwijs.

IKC de Ark vertelde over hoe zij de zorgstructuur in de wijk veranderd hadden samen met andere scholen voor regulier en speciaal basisonderwijs. De zorg volgt het kind en niet andersom. Want ieder kind heeft het recht om erbij te horen.

Hierin zijn ze de afgelopen jaren gegroeid. Zo hadden ze bijvoorbeeld eerst nog een aparte groep voor kinderen met een lage cognitie, later kwam er een instructieplein voor deze kinderen, naast hun eigen (gemixte) klas.

Op dit moment heeft IKC de Ark 15% kinderen met zorg. Wat mij opviel, is dat die zorg vooral gericht is op gedragsproblematiek en lage cognitie. De school zelf heeft geen lift en op dit moment ook geen leerlingen die een lift nodig hebben. Maar wel zes ouders die gebruik maken van een rolstoel en die nu dus nog buitengesloten worden in dit IKC.

Ook miste ik de samenwerking met de kinderopvang in het verhaal. Met de peuterspeelzaal was die er wel, maar de hele dagopvang was toch ook een wat andere doelgroep qua kinderen en ouders. Later hoorde ik van een collega van me dat die samenwerking er wel meer is dan ik gehoord had. Er is daar bijvoorbeeld een intern begeleider die niet alleen voor de school, maar ook voor de kinderen van 0 tot 4 jaar beschikbaar is. Dat lijkt me ontzettend zinvol om op die manier de doorlopende lijn in de zorg ook te kunnen vasthouden.

Workshop ‘Dat kind hoort hier wèl!’ – IEKC Lichtenvoorde

Ik moet eerlijk zeggen dat ik bij het verhaal van de kwartiermaker van Integraal Educatief KindCentrum Lichtenvoorde niet zoveel aantekeningen heb gemaakt. Maar werd er wel enthousiast van! Wat een mooie kans om met de nieuwbouw van een schoolgebouw meteen na te kunnen denken over hoe het reguliere basisonderwijs, speciaal basisonderwijs en speciaal onderwijs samen verder kunnen.

In dit filmpje wordt kort uitgelegd wat ik in de workshop ook te horen kreeg. En eigenlijk ben ik wel heel erg benieuwd hoe dit verder uit zal pakken.

Hoe toegankelijk en inclusief was ‘Naar Inclusiever Onderwijs’ eigenlijk?

De allereerste misser was al de toegankelijkheid van de zaal waarin de opening plaatsvond. Voor rolstoelgebruikers was alleen maar plek in een hoekje, naast de boxen. Of eigenlijk was dat al een tweede misser. Vlak daarvoor werd ik door iemand bij mijn schouders vastgepakt toen ik vroeg waar het toilet was.

De kaartjes om workshops te kiezen, stonden in bakjes op een hoge statafel. Ik kon wel bij de bakjes, maar niet zien wat erin lag. Om de kaartjes te kunnen lezen, pakte ik elk bakje van de tafel.

Er was een lift, maar de vrouw met wie ik de lift deelde, kon vanuit haar rolstoel niet bij de knopjes. Best lastig als ze alleen in de lift had gestaan.

De ene workshop was prima toegankelijk, met stoelen in een U-vorm waar ik makkelijk kon aanschuiven. Bij de andere was de deuropening zo smal, dat ik niet met mijn handen op de hoepels naar binnen kon.

Bij de lunch waren verschillende tafels als lopend buffet opgesteld, genoeg om niet in een rij te hoeven staan. Daarnaast werden er ook broodjes en soep uitgedeeld door het personeel daar. Dat vind ik altijd wel prettig, dan hoef je niet met je bordje op schoot door een mensenmassa heen. Thee of koffie haal ik eigenlijk nooit bij zulke drukke gelegenheden. Ik heb zelf mijn thermosfles bij me, scheelt weer met dat geknoei met hete drank.

Achteraf begreep ik dat de toegankelijkheid voor doven en slechthorenden niet zo goed geregeld was. Wat een gemiste kans! Met het geld wat er in een conferentie als deze omgaat, is het een kleine moeite om standaard één of twee gebarentolken in te zetten.

Nog iets wat me tot slot opviel aan het publiek bij deze conferentie: ik heb nog nooit zoveel grijze mannen met colberts in het onderwijs bij elkaar gezien! Als ik het vergelijk met een bijeenkomst van mijn werkgever, is er bij ons in Rotterdam meer kleur (nee, niet alleen de haarkleur) en zijn de vrouwen wat in de meerderheid. Ik durf zelfs bijna te zeggen dat er bij zo’n bijeenkomst bij mijn werkgever meer diversiteit is als het gaat om docenten met een beperking. Nu is dat natuurlijk niet altijd zichtbaar aan de buitenkant, maar het Nothing about us without us kwam bij deze conferentie Naar Inclusiever Onderwijs niet zo heel erg goed uit de verf.

Wel moet ik zeggen dat ik leuke en interessante gesprekken heb gehad met andere bezoekers. Terwijl ik bij andere onderwijsgerelateerde bijeenkomsten vaak letterlijk en figuurlijk over het hoofd word gezien met mijn rolstoel. Maar hier waren mensen oprecht geïnteresseerd in wat ik in het onderwijs deed en hoe ik over inclusief onderwijs denk als docent.

Zo. Dat was een lang verhaal en eigenlijk ben ik er nog niet over uitgepraat. Ik vind het een boeiend onderwerp hoe scholen vorm willen geven aan inclusiever onderwijs en hoop dat deze ontwikkeling steeds meer vorm gaat krijgen!

Uitzicht Deutsches Museum Munchen

Vorige week hadden we herfstvakantie. En omdat we in de zomer niet met het hele gezin weg zijn geweest, hadden we nog een uitstapje tegoed. Om het meteen maar te combineren met een bezoek aan een vriendin in Duitsland, zijn we voor München gegaan!

Een city-trip met tieners

Onze meiden zijn inmiddels twaalf en zestien jaar oud en al wat gewend wat reizen betreft. Maar het blijft een uitdaging om iedereen tevreden te houden met zo’n uitstapje van een paar dagen. De lange reis ernaartoe met de auto, een kamer moeten delen, compromissen sluiten wat betreft bestemmingen en eten, enzovoort.

Gelukkig houden we alle vier van shoppen en dat gaat helemaal prima in München. En tijdens dat shoppen kom je een hoop mooie gebouwen tegen in het oude centrum, waar we even de toerist konden uithangen.

Behalve een beetje shoppen zijn we ook naar het Deutsches Museum geweest. Dat is zo enorm groot, niet normaal. We hebben nog lang niet alles gezien in de tijd dat we er waren. Sommige stukken waren iets minder interessant dan de andere, daar gingen we dan wat sneller doorheen. Maar stiekem blijven die meiden het toch wel leuk vinden om dingen uit te proberen en te zien hoe de verschillende technieken werken.

De wandeling naar en door de Englischer Garten was best een lange. Maar wat drinken en een taartje bij de Chinesischer Turm maakte het weer helemaal goed.

 

Dit bericht bekijken op Instagram

 

Een bericht gedeeld door Jacqueline (@jacqueline_salamistinkt) op

Rolstoeltoegankelijkheid in München?

Tja, dat viel nog aardig tegen. Op zich zijn de meeste winkels wel te doen, maar de straten zelf zijn soms wel een uitdaging. Nu had ik mijn Smartdrive en Freewheel bij me, maar had ook echt niet zonder gekund. Er zijn veel kinderkopjes rondom de oudere gebouwen en heel veel drempels. De stoepranden zijn bij oversteekplaatsen wel iets verlaagd, maar nog steeds een hobbel van zo’n vijf centimeter die je moet nemen. En dan zwerven er nog overal huurfietsen en -steppen rond, die op de meest ongelukkige plaatsen worden gestald. Soms gewoon midden dwars op de stoep.

Ook het Deutsches Museum is niet helemaal toegankelijk met de rolstoel. Nu had ik op de website al gezien dat je daarom korting kon krijgen op de entreeprijs. Maar ik had niet verwacht dat zowel ik als mijn man (als begeleider?) gratis naar binnen mochten. De liften daar binnen snapte ik niet helemaal. Er zou er één speciaal voor rolstoelgebruikers moeten zijn, maar ik zag het verschil niet met de andere liften. En sommige verdiepingen waren volgens de plattegrond niet toegankelijk met de rolstoel, maar daarin was nog een verschil tussen een drempeltje of een trap die genomen moest worden. Ik ben maar gewoon gaan proberen hoe ver ik kwam en daar was ik wel blij om. Anders had ik bijvoorbeeld niet van het uitzicht kunnen genieten vanaf de bovenste verdieping, terwijl daar alleen een kleine drempel naar het dakterras was.

München vraagt dus wel wat voorbereiding en doorzettingsvermogen, maar ik vond het zeker de moeite waard.

Hotel Dolomit

We hadden niet zo heel veel eisen aan ons hotel. Op zich hoef ik geen compleet aangepaste kamer, als ik mijn rolstoel erin kwijt kan, is dat voldoende. Verder wilden we een hotel op loopafstand van het centrum en met een parkeerplaats. Liever wat goedkoper dan enorme luxe, maar wel een fatsoenlijk ontbijt. En zo kwamen we op hotel Dolomit uit.

Overigens stond er wel in de omschrijving op de website dat de kamer rolstoeltoegankelijk was en er handgrepen in de badkamer zaten, maar daar klopte helemaal niks van. De dame achter de balie kreeg het ook wel een beetje benauwd toen ze mij met mijn rolstoel zag en ze moest vertellen dat de kamer niet zo toegankelijk was. Maar de kamer was voor mij goed te doen. De glazen badkamerdeur meteen naast de wc was wel wat vreemd, heel veel privacy had je niet (en die hebben pubermeiden soms wel nodig).

Ook een beetje apart was dat we voor het ontbijt naar het hotel naast het onze moesten. Maar dat hotel had wel een paar sterren meer en dat kon je merken aan het ontbijt. Dat was echt een heerlijk uitgebreid buffet! Dus dan klagen we ook niet over die paar meter die je even buitenom moet.

Qua locatie was het hotel vlakbij het station en het centrum. Overdag volop toeristen op straat, ‘s avonds net wat ander publiek. Maar hé: bij ons vertrek ontdekten we dat de auto al die tijd niet op slot had gezeten (oeps…) en al onze spullen in de auto lagen er nog steeds. Dus zo’n slechte buurt is het dan ook weer niet.

Wij hebben ons in ieder geval prima vermaakt deze herfstvakantie. En jij?

In dit artikel is gebruik gemaakt van een affiliate link. Daar merk jij verder niks van, maar mocht je op deze link klikken en daar een hotel of reis boeken, dan help je mij aan een paar centen.

toegankelijkheid foodtruckfestival

Vanaf 7 tot en met 11 oktober is het de Week van de Toegankelijkheid. En dit jaar staat deze week in het teken van: Doen wat je zelf wilt! Wat voor mensen zonder beperking vaak vanzelfsprekend is – gewoon lekker even een dagje pretpark, een museumbezoek of naar een concert – vraagt van iemand met een beperking wat meer organisatie, energie en soms ook frustratie. En eigenlijk zou dat niet zo moeten zijn. Als toegankelijkheid de norm is, dan zou het niet uit hoeven maken of iemand wel of geen beperking heeft. Dan zou iedereen even gemakkelijk moeten kunnen genieten van een uitje.

Nu heb ik al best wel wat vaker geschreven over toegankelijkheid en waar ik persoonlijk tegenaan liep. En in dit artikel wil ik hier een beetje een samenvatting van geven, binnen het thema van dit jaar. Dus wil je meer weten over hoe ik mijn vrije tijd graag doorbreng en hoe dit voor mij (en andere rolstoelgebruikers) nog wat toegankelijker kan, klik dan vooral ook door op de linkjes.

Dagje uit met het gezin

Dat toegankelijkheid absoluut nog niet overal de norm is, merkte ik overduidelijk bij een bezoek aan pretpark Drievliet. De afstand van de gehandicaptenparkeerplaats naar de ingang was echt enorm, de regels omtrent bezoekers met een beperking nogal ingewikkeld en het was slecht aangegeven in hoeverre de attracties toegankelijk zijn. Medewerkers zelf waren van dit alles ook niet echt op de hoogte.

Dan had ik betere ervaringen met Walibi, waar ze een handig systeem hebben, zodat je wel dezelfde wachttijd hebt, maar toch via de uitgang van een attractie makkelijk in kunt stappen. En een lijst met per attractie aangegeven voor welke beperkingen het minder goed te doen is.

EuromastMijn eerste bezoekje aan de Euromast met rolstoel was maar een nare ervaring. En niet eens zozeer vanwege het feit dat je niet overal kunt komen met een rolstoel. Dat zo’n toeristische trekpleister na zoveel jaar nog steeds niet genoeg heeft opgeleverd om een fatsoenlijke lift te kunnen installeren, tja… Maar het was vooral de asociale behandeling door het personeel wat het een nare ervaring maakte. Alsof ik niet meetelde in mijn gezin. Een jaar later ging de Euromast in de herkansing. En ook omdat ik iets meer voorbereid was op waar ik wel of niet kon komen èn het personeel dit keer een stuk vriendelijker was, was dit wel een succes.

Concerten & shows

Ik hou enorm van bandjes kijken. Alleen moet ik toegeven dat ik de grote zalen niet meer aandurf sinds ik hierbij een rolstoel nodig heb. Mij teveel geregel. De kleinere poppodia voldoen meestal prima voor mij. Hier kan ik gaan en staan waar ik wil. Over het algemeen laten mensen me wel voorgaan als ze doorhebben dat ze in mijn beeld staan.

De toiletten zijn nog weleens een verrassing. Inmiddels heeft Rotown wel een slot op het toilet, maar wat ik daar binnen soms aantref… Bij de Kroepoekfabriek ziet dat er een stuk beter uit. Soms is het toilet nog wel afgesloten, maar er lopen genoeg medewerkers rond die ‘m snel kunnen openen. De ingang bij de Kroepoekfabriek heeft dan wel weer een trappetje, maar je mag via de artiesteningang naar binnen, die wel gelijkvloers is. En dat heeft ook wel wat.

Pas was ik met een feestje van mijn man’s werk bij Studio’s Aalsmeer. Om in de eetzaal te komen, mocht ik backstage, omdat het tussen de tafels door te krap was. Ook naar het theater toe mocht ik via een andere route. Aan de ene kant vond ik dat wel leuk om te zien, hoe artiesten zich aan het voorbereiden waren. Maar je zit vervolgens wel aan een bepaalde plek vast, bijvoorbeeld op de eerste rij in het theater en tijdens het eten met alle rolstoelgebruikers aan dezelfde tafel. Dat hoeft dan weer niet zo van mij.

Bij kleine theaters zoals het Zuidpleintheater of het Maastheater waar je geen vaste zitplaatsen hebt, wordt er meestal ter plekke een makkelijk toegankelijke plaats voor mij met mijn rolstoel geregeld. En dat gaat eigenlijk altijd wel goed. In bioscopen neem ik ook niet altijd de rolstoelplaats, maar zet ik mijn rolstoel aan de kant en ga ik op zo’n mooie, relaxte stoel zitten. In sommige theaters doe ik hetzelfde, als ze tenminste goede stoelen hebben.

Wanneer in grote theaters zoals het Nieuwe Luxor vaste plaatsen toegewezen worden, vind ik het altijd jammer dat je niet met je hele gezelschap bij elkaar mag zitten. Er kan maar één persoon naast een rolstoel, de rest zit dan op een andere rij. Soms wel tientallen meters verderop. Zo was ik een keer met mijn zus en onze jongste dochters naar een musical geweest en zaten onze meiden echt een flink eind van ons vandaan. We hadden natuurlijk wel kunnen splitsen: zij beneden met haar dochter en ik boven met mijn dochter, maar wat is dan de lol van samen naar een musical gaan? Gelukkig hebben we hele brave kinderen en hebben zij zich prima vermaakt zonder ons.

Festivals

Net als bij concerten ben ik niet meer zo’n fan van grootschalige festivals sinds ik mijn rolstoel heb. Ik voel me er een stuk minder welkom in zo’n enorme mensenmassa. Uitzicht op konten en mensen die over mijn rolstoel struikelen is echt niet zo aantrekkelijk.

Het lastige bij festivals is daarnaast dat ze vaak een bepaalde sfeer willen uitstralen, die niet altijd samengaat met toegankelijkheid. Zo is Castlefest rondom een kasteel met nogal wat lastige paadjes. En zelfstandig eten en drinken halen is een behoorlijke uitdaging met al het gras. Net als bij een Foodtruckfestival trouwens. Is het al gelukt om je eten of drinken vanaf een hoge counter aan te nemen, moet je er nog mee aan de rol gaan om een plekje te vinden om het te nuttigen.

Het scheelt al zoveel als het festival niet zo overdreven druk is. Gewoon wat meer bewegingsruimte en niet door een enorme rij opgejaagd te worden als je met je drankje aan het klungelen bent. Zo kan ik tenminste een wijntje drinken wanneer ik daar zin in heb, zonder de kleur of hoeveelheid wijn aan te hoeven passen aan de omstandigheden van het festival.

Musea

Eigenlijk zijn de meeste moderne musea prima te doen qua toegankelijkheid. En met mijn Rotterdampas zou ik gewoon eens wat vaker moeten gaan. De laatste keer dat ik in de Kunsthal was, is alweer even geleden. Maar op één steile schuine helling na, kon ik daar overal komen. Personeel is ook erg behulpzaam om een shortcut te laten zien om een trap te ontwijken. Net als in Museum Rotterdam trouwens. Daar is een kleine plateaulift die door het personeel bediend moet worden.

En Museum Vlaardingen is sinds de verbouwing een aantal jaar geleden ook goed toegankelijk met een lift en ruime zalen.

Doen wat je zelf wilt

Met een beetje aanpassen lukt het me over het algemeen wel om het naar mijn zin te hebben in mijn vrije tijd. Ik vind het persoonlijk niet zo’n probleem als ik daarbij soms net even een andere route moet nemen. Zolang het me niet teveel extra tijd kost en ik zelf kan kiezen waar ik vervolgens heen ga. En door wel of niet mijn Smartdrive of Freewheel te gebruiken, kan ik soms net wat meer kanten op. Ik snap ook wel dat het vaak praktischer (en veiliger) is als rolstoelgebruikers vaste plekken toegewezen krijgen.

Alleen voel ik me dan wel een stuk minder vrij. Ik kan nooit helemaal doen wat ik zelf zou willen, omdat er altijd wel iets is waar ik me op moet aanpassen.

Hoe zou het zijn als het andersom was? Als de mensen zonder beperking zich continu zouden moeten aanpassen aan een maatschappij die volledig ingesteld is op mensen met een beperking. Zou jij daar genoegen mee nemen?

Filmpje met dank aan Xandra Koster, die je zeker op Twitter moet volgen als je meer wil weten over toegankelijkheid en/of validisme.

masterclass geluk guido weijers jaaropening start schooljaar

Als laatste regio van Nederland, zijn ook wij deze week weer begonnen met school. Voor ons gezin is dat voor het eerst dat beide meiden op het voortgezet onderwijs zitten. Een hele verandering dus. Voor mezelf verwacht ik ook dat dit een totaal ander schooljaar dan vorig schooljaar wordt. Met de veranderingen in het team en daarbij ga ik weer meer lesgeven.

Laatste vakantiedagen Start met studiedagen

Waar de studenten vorige week nog lekker vrij waren, waren er voor de docenten al twee studiedagen ingepland.

De eerste was met het hele college, dus een stuk of vijf teams. Meteen een lange zit, van 8.30 tot 16.00 uur, terwijl mijn werkdagen eigenlijk niet meer dan zes uur moeten zijn. Er waren verschillende workshoprondes en ik twijfelde nog even om de eerste workshopronde over te slaan. Maar ik dacht: laat ik me die eerste dag even van mijn goede kant zien en gewoon het hele programma volgen.

De studiedag was niet op mijn werklocatie of de hoofdlocatie, dus toen we naar de workshops gingen, moest ik even vragen waar de lift was. Die was er dus niet. Vrijwel alle workshops werden op de eerste verdieping gegeven, maar er was geen lift in het gebouw. Ik kon wel janken, voelde me totaal niet welkom.

De workshops die ik wilde volgen, werden vervolgens wel meteen naar een lokaal op de begane grond verplaatst. En om de haverklap kwam er iemand sorry zeggen. Ik heb er niet zo netjes op gereageerd, kon er ook geen fatsoenlijkere woorden voor bedenken dan dat het gewoon kut geregeld was. Ze weten dat ik gebruik maak van een rolstoel en we hebben meer dan genoeg locaties die wèl rolstoeltoegankelijk zijn. Waarom dan toch voor deze locatie gekozen is, geen idee.

Voor de tweede studiedag met ons eigen team was ik even bang dat ik weer vergeten was toen ik zag dat we naar het strand zouden gaan. Maar alles was georganiseerd op het terras en de verharde paden, dus dat was helemaal top. Ook een hele fijne eerste studiedag zo met het team, veel beter dan binnen zitten vergaderen.

Feestelijke start

Afgelopen vrijdagavond vierde ik mijn veertigste verjaardag. Als dat geen leuke start van het schooljaar is! En hoewel ik normaal niet echt wat bijzonders doe met mijn verjaardag, had ik deze keer wel echt uitgepakt. Ik had een muziekcafé in de buurt afgehuurd en coverband Square geboekt. En behalve mijn vaste groepje vrienden en familie, had ik ook wat buren en collega’s uitgenodigd. Zij zorgen ervoor dat ik me thuis voel zodra ik de straat inrijd. Of dat ik mijn werk kan blijven doen en me nuttig kan maken. En daar wilde ik ze met dit feestje ook voor bedanken.

Ergens vond ik het ook wel spannend met zoveel mensen die ik had uitgenodigd. Zouden ze wel op komen dagen? Vinden ze het wel gezellig met elkaar? Maar tijdens het feest zelf kon ik dat op een gegeven moment wel loslaten. Het was supergezellig, de band was echt heel tof en ik ben veel te veel verwend met leuke cadeaus. Ook zo mooi om te zien hoe onze kinderen en neefjes en nichtjes zich vermaakten. Een nieuwe generatie die (letterlijk) de dansvloer overneemt. En deze ouwe veertiger ging bij thuiskomst meteen naar bed, haha!

Jaaropening in het Nieuwe Luxor

Aan de start van elk schooljaar worden mijn tweeduizend collega’s en ik verwacht in het Nieuwe Luxor in Rotterdam, waar een mooi programma voor ons klaarstaat. Zo ook afgelopen maandag.

Met muziek van Shirma Rouse, wethouder Said Kasmi die twee mbo’ers interviewde, minister Hugo de Jong met een praatje, nog een woord van de voorzitter van het college van bestuur en tot slot een masterclass geluk van Guido Weijers. Ja ja, de baas had weer flink uitgepakt.

En het was ook echt een mooi programma, mooi en grappig om naar te luisteren. Het enige waar ik een beetje moe van word, is dat er meerdere keren benoemd werd dat er neergekeken wordt op het mbo. Ten eerste zit de zaal vol met mensen die graag mbo’ers opleiden, een beetje preaching to the choir dus. Dat er fantastische mensen een mbo-opleiding volgen of in het werkveld rondlopen, hoef je ons niet te vertellen. En ten tweede is het voor de mbo’ers in de zaal niet tof om te horen dat er blijkbaar mensen zijn die mbo minder waard vinden. Als het dan nodig is om het mbo te verdedigen, doe dat dan op je feestjes en partijen waar alleen maar hoogopgeleiden rondlopen die geen flauw idee hebben dat er meer buiten hun bubbel is.

Nieuwe roosters, nieuwe ritmes

En dan gaan we nu echt beginnen met het nieuwe schooljaar. Met daarbij een nieuw rooster en een nieuw ritme om weer in te komen. Voor mij is het anders dan vorig jaar, omdat ik weer meer les ga geven. Dat zal wel weer even wennen zijn. De lesstof die ik moet overdragen weer opfrissen. Ontdekken welke aanpak en werkvormen het beste aansluiten bij de klassen die ik krijg. En niet te vergeten: het smartbord onder de knie krijgen. Eigenlijk heb ik geen theorieles meer gegeven sinds deze vernieuwd zijn. Dus daar zal ik wel even mee moeten oefenen voor ik mezelf voor een hele klas voor schut zet.

Thuis gaat er ook een nieuw ritme komen nu ook mijn jongste dochter naar het voortgezet onderwijs gaat. Dat voelt echt als een nieuwe fase. Helemaal van die basisschool af en ik zal het niet missen. En meteen al volgende week op kamp. Dan al dat huiswerk en ook nog in het Engels, want ze doet net als haar zus tweetalig onderwijs. Ook een pittige start, maar ik heb er alle vertrouwen in dat dat goedkomt. Die oudste van mij redt het inmiddels ook prima en start deze week in 5vwo.

Al met al kan ik wel zeggen dat ik gelukkig ben met hoe ik erbij zit deze start van het schooljaar. Ik heb er zin in en kijk ernaar uit om me weer op andere gebieden nuttig te maken dan alleen maar de examens. Daarnaast ben ik een trotse moeder met die twee tienermeiden die lekker hun eigen gang gaan op school en daarbuiten.

Om aan te sluiten bij de quote uit Guido’s masterclass:

Wat wil jij het komende schooljaar nalaten?

Drievliet brug naar parkeerplaats

Ziet er aantrekkelijk uit hè, die entree van Drievliet? Spoiler-alert: Eenmaal binnen werd het ook niet beter…

En uiteraard houd ik ook ontzettend veel van mijn twee tienermeiden, dus gingen we naar Drievliet.

Ook al heeft Drievliet in de jaren een enorme transformatie doorgaan, ik moet toch altijd even terugdenken aan de eerste keer dat ik daar met vrienden heen ging, zonder ouders. Het was toen echt nog een klein park, dus prima te doen, zou je denken. Ik werd door een ander groepje jongeren weggesleurd bij mijn vrienden en in de tent van het waterorgel in elkaar geslagen, bespuugd en uitgescholden.

Jaren later mocht ik met groep 4/5 mee met het schoolreisje. Niks voor mij. Ik irriteerde me dood aan de leerkracht en andere hulpouder die hun eigen plan hadden getrokken, zittend op een bankje. Terwijl ik op een gegeven moment de hele klas om me heen had en continu in de gaten hield wie bij welke attractie was. Het waterorgel bestond inmiddels niet meer, dus dat was wel een zorg minder.

Maar goed. Het is zomervakantie, we gaan verder niet echt op vakantie als gezin en Drievliet is goed aan te rijden vanaf ons huis. Bovendien had ik geen klas om me verantwoordelijk voor te voelen en ik heb verder geen trauma overgehouden aan die nare ervaring daar. Vooruit dan maar.

Fucking lang stuk van de gehandicaptenparkeerplaats naar de ingang

Ja, zo lang, dat ik daar ook een lang kopje aan moet wijden. Via borden werd je naar een grote parkeerplaats geleid. Ik heb daar aan iemand met een hesje gevraagd waar ik met mijn gehandicaptenparkeerkaart kon staan en werd naar de gereserveerde parkeerplaatsen geleid naast de opgang van een brug.

En die brug was enorm.

Had ik al gezegd dat mijn Smartdrive het net die week begeven had en ik dus zonder Smartdrive dit dagje uit aanging? Mijn dochters hebben dus wel even flink moeten helpen met die brug, want anders kwam ik er echt niet op.

Aan de overkant ging je zigzaggend weer naar beneden en kon je nog een pokkeneind langs de (‘s ochtends nog lege) parkeerplaats voor je eindelijk bij de ingang kwam. En naast die ingang waren dus nog flink wat lege gehandicaptenparkeerplaatsen.

Toen ik bij het weggaan aan een medewerker vroeg waarom ik niet meteen naar die parkeerplaatsen naast de ingang werd verwezen, werd me verteld dat die pas later opengesteld werden, toen het te druk werd op de parkeerplaats aan de andere kant van de brug.

Maar ik snap dit dus echt niet hè. Het hele park is amper zo groot als de afstand die je moet afleggen van de parkeerplaats naar de ingang. Hoe durf je dan mensen die slecht ter been zijn of van een rolstoel gebruik maken zo’n #*@^~ brug over te laten steken?!

Toegankelijkheid is ruk

Op de website heeft Drievliet een nogal apart beleid omschreven als het gaat om bezoekers met een beperking. Als je rolstoelafhankelijk bent en niet zonder begeleiding kan, mag je gratis het park in, anders moet je kunnen aantonen dat je een beperking hebt en krijg je een klein beetje korting. En: ‘Een rolstoelgebruiker dient bij het betreden van attracties altijd vergezeld te worden door een begeleider van minimaal 18 jaar die in staat is de rolstoelgebruiker te helpen waar nodig.’

Vervolgens is er een schema waarin ze attracties met meerdere opstappen gewoon toegankelijk vinden en andere attracties afraden of verbieden, vanwege hevige krachten of evacuaties.

In het park zelf staan er op de borden picto’s van een rolstoel bij attracties (zie foto hieronder), maar het personeel zelf weet ook niet precies of dat betekent of ze wel of niet toegankelijk zijn. Ik moest het maar proberen. Bij de Dynamite Express was er een hobbeltje op en af na een tunneltje, om vervolgens bij een trap uit te komen. Nu had ik dat op het schema van de website wel kunnen zien, maar die had ik niet bij de hand. Ik had het ook gewoon niet verwacht, als er een picto van een rolstoel op een bord staat, verwacht ik dat ik er met rolstoel kan komen. Maar zo werkt het dus niet.

De toiletten zijn zelfs voor mij erg krap en bovendien ontzettend smerig. Ik heb mensen met loggere rolstoelen gezien dan die van mij en vraag me af hoe zij dan gebruik konden maken van deze toiletten. Mijn freewheel moest ik loskoppelen om naar binnen te kunnen gaan. Vind ik op zich niet zo’n probleem, maar er was vervolgens geen enkel droog of schoon stukje vloer waar ik ‘m neer kon zetten. Vervolgens moest ik daarna dus met smerig nat wiel op schoot het toilet uit rollen.

(Soort van) toegankelijke attracties in Drievliet

Uiteindelijk ben ik in de volgende attracties geweest:

  • Jungle river (zo’n boomstam die hard naar beneden gaat en waar je nat van wordt): Ik had later pas door dat ik beter via de uitgang had kunnen gaan. Maar op het moment dat we gingen, was er amper nog een rij en heb ik een stukje gelopen.
  • Chute (foto hierboven rechts): Hier mocht ik via de uitgang naar binnen, terwijl mijn dochter in de rij stond. Zij mocht dan als eerste door het hek, om mij te helpen. Maar op zich kon ik de paar treden wel nemen, omdat er ook een hek naast stond waar ik me aan vast kon houden.
  • Spookmuseum: Hier kon ik naast de rij in- en uitstappen, was een klein opstapje naar het karretje toe. Mijn kinderen stonden in de rij, maar die is hier zo klein, dat ik gewoon met ze kon kletsen. Maar niet echt de moeite waard dat spookmuseum, beetje suf.
  • Formule X: Vergelijkbaar met achtbanen in Walibi, er is een rolstoelhelling bij de uitgang welke je mag gebruiken. Die helling is wel wat smal, zeker met tegenliggers die uit de attractie komen. Mijn kinderen stonden in de rij en ik ben de helling pas op gerold toen ik zag dat ze bijna aan de beurt waren. Bovenaan bleek er toch nog een breder stukje te zijn waar ik kon wachten, maar dat kon ik van onderaf niet zien. Hoewel deze attractie volgens het schema op de website van Drievliet niet aanbevolen wordt, is deze voor mij goed te doen. Juist omdat mijn gammelste stukjes lijf goed klem gezet worden. En het is gewoon een toffe achtbaan.

Zoals je ziet, hebben mijn kinderen steeds alleen in de rij gestaan. Daar zijn ze groot en wijs genoeg voor met hun twaalf en zestien jaar, maar echt gezellig is het niet. En uiteraard hebben zij wèl nog meer attracties bezocht, waarbij ik dan ergens in de schaduw op ze stond te wachten. Waren ze vijf jaar jonger geweest, dan had ik dat echt niet zien zitten.

Beste organisatie van Drievliet…

FUCK YOU!!! Echt, ga je flink schamen. Ik heb nog nooit een pretpark gezien wat zo ontzettend slecht ingesteld is op mensen met een beperking. Ik ga niet naar een pretpark om alleen als kapstok en tassenoppas dienst te doen, ik wil zelf ook een beetje lol hebben met mijn gezin.

Wel even een petje af voor jullie medewerkers, die echt hun best doen om het voor iedereen een leuke dag te maken. Het zou alleen ook een stuk makkelijker gaan als het vooraf al goed geregeld is en zo moeilijk is dat echt niet.

Doe sowieso iets aan die belachelijke websitepagina voor bezoekers met een beperking. Er is een verschil tussen afhankelijk zijn van een begeleider plus rolstoel en rolstoelgebruiker zijn. Maar er is geen verschil in hoeverre de attracties toegankelijk zijn voor deze groepen, dus maak het dan voor elke bezoeker met fysieke beperkingen gratis.

Check meteen even of wat jullie vragen als borg (kopie identiteitsbewijs) voor het lenen van een rolstoel wettelijk gezien wel mag. En of de toiletten wel echt zo toegankelijk zijn als jullie zeggen.

Waarom mag een rolstoelgebruiker maar met één persoon via de uitgang een attractie in? En waarom moet dit een volwassene zijn? Je zal maar (net als in ons geval) met z’n drieën zijn en als rolstoelgebruiker de enige volwassene in het gezelschap.

Die ‘gids’ over toegankelijke attracties mag wel even bijgewerkt worden. Het is nogal een verschil of je met je rolstoel tot naast het karretje kunt komen, of dat je er een complete trap voor op moet. Geen toegang of niet aanbevolen kun je prima aan de bezoeker zelf overlaten om dit te beslissen. Zolang je maar duidelijk aangeeft welke moeilijkheden je tegen kunt komen.

En mocht er dan een goed bijgewerkte gids zijn, dan is het natuurlijk wel zo handig als medewerkers hiervan op de hoogte zijn en/of dat je deze bij de entree meegeeft aan bezoekers.

Die meiden van mij hebben het verder prima naar hun zin gehad. En als zij het leuk hebben, ben ik ook blij. Maar mochten ze nog eens willen, dan zet ik ze wel bij de ingang af. Echt niet dat ik ooit nog mijn tijd, geld of energie aan ga verspillen aan Drievliet.

conferenties toegankelijkheid

Dit is niet de eerste keer dat ik over dit onderwerp schrijf. In 2016 schreef ik al over de plus- en minpunten met betrekking tot rolstoelvriendelijkheid bij symposia en conferenties.

Je zou zeggen dat er in drie jaar tijd wel wat veranderd mag zijn. Met dat VN-verdrag dat in werking is gesteld en zelfs al geëvalueerd. Voor mij persoonlijk zijn er ook veranderingen geweest: ik heb mijn rolstoel nu meer nodig dan toen. Elke extra drempel irriteert me nog meer dan toen.

Is het nog wel de moeite waard? Waarom zou je nog naar conferenties willen?

Ik ben docent pedagogiek met een master in Leren & Innoveren. En ik ben niet zover gekomen om verder maar op de automatische piloot les te gaan geven. Ik wil geïnspireerd worden, nieuwe dingen leren, bij blijven met nieuwe ontwikkelingen.

Bijscholing is een belangrijk onderdeel van je vak als docent. Je wil je studenten niet iets leren wat tien jaar geleden relevant was, je wil ze leren wat nu relevant is, of in de toekomst. Daarnaast zijn conferenties, beurzen, symposia en congressen een mooie gelegenheid om te netwerken. Ook om zo samen het onderwijs sterker neer te zetten, maar ook om te zien of er ergens in het onderwijs een plek is waar ik nog beter op mijn plek zou zijn.

Dus ja, ik vind het zeker de moeite waard om dit soort bijeenkomsten te blijven bezoeken. Dat betekent vaak wel dat ik mijn werkdag of vrije dagen eromheen erop aan moet passen. Twee uurtjes langer werken en de dag erna nodig hebben om ervan bij te komen, vind ik nog te overzien voor een keer. Maar een werkdag van 8.00 tot 20.00 uur trek ik echt niet, dus dan zal ik daar nog meer aanpassingen in moeten maken.

Het effect van een ontoegankelijke conferentie

Als het jaren later nog steeds niet verbeterd is, heb ik misschien te weinig laten merken hoeveel last ik ervan heb als een conferentie niet toegankelijk is. Blijkbaar is dan het aangeven in een evaluatie of het doorgeven aan de organisatie niet genoeg.

Goed, hier dan een opsomming, misschien dat het zo iets duidelijker wordt:

  • Als ik na een lange autorit, inclusief file, bij binnenkomst welkom wordt geheten met: ‘Is dat blijvend?’ met een knik naar mijn rolstoel, dan komen er even geen pedagogisch verantwoorde woorden uit mijn mond. Nee, dat is geen fijne binnenkomer.
  • Als ik uit mijn rolstoel moet stappen om een drempel of trap te nemen om bij een workshop of lezing te komen, kost mij dat veel pijn en inspanning. De helft van de informatie gaat dan aan mij voorbij, omdat ik nog aan het bijkomen ben. Ik kan me niet focussen op waar ik voor gekomen ben.
  • Een andere route moeten nemen, of om een liftsleutel moeten vragen, kost tijd. Die tijd is al beperkt tussen het wisselen van workshops (die vaak ook al uitlopen). En het is gewoon niet tof om in een zaal vol mensen te laat binnen te komen.
  • Hoe behulpzaam anderen ook willen zijn, de meesten weten niet hoe ze een rolstoel moeten tillen. Afgelopen week heb ik daardoor mijn rolstoel moeten repareren tijdens een workshop. Een rolstoel repareren is niet iets wat mij makkelijk af gaat, ook dat kost mij veel pijn en inspanning.
  • Continu omhoog moeten kijken om met mensen in gesprek te gaan, wordt al snel vermoeiend. Net als het steeds maar moeten vragen of ik ergens langs mag. Niet alleen fysiek vermoeiend, maar het geeft me ook het gevoel alsof ik er niet bij hoor. Ik word niet gezien.
  • En ik waardeer de hulp van mijn collega’s echt heel erg, maar ik word daardoor wel in een rol geduwd die niet bij mij past. Ik wil zelfstandig kunnen gaan waar ik wil. Niet moeten vragen of iemand drinken voor me wil halen. Of een plekje aan een lage tafel bezet wil houden. Dat ik bof met collega’s die me zo fijn helpen, zou niet eens uitgesproken hoeven te worden. Maar dat wordt het wel, door mensen die mij niet kennen en mij zo nog meer in die afhankelijke rol duwen.

Al die pijn, vermoeidheid, te laat komen en niet gezien of juist als hulpbehoevend gezien worden, maakt dat ik echt strontchagrijnig word van zo’n conferentie. Terwijl de workshops en sprekers inhoudelijk misschien best interessant kunnen zijn.

Beste organisatie, aanpassen is echt niet zo moeilijk!

Ik zal heus niet vragen om alle oude, ontoegankelijke gebouwen plat te gooien. Als er voor die paar mensen zoveel sentimentele waarde aan hangt om per se op zo’n locatie een conferentie te organiseren, prima. Hier dan toch wat tips, die echt niet zo heel veel moeite of geld kosten:

  • Als je weet dat sommige zalen niet toegankelijk zijn voor mensen in een rolstoel of die slecht ter been zijn, neem dan zelf het initiatief om dat als opmerking aan te kunnen vinken op het inschrijfformulier. Dat ik te horen krijg dat ik dat zelf moet aangeven, zonder dat daar ruimte voor is op het inschrijfformulier, is natuurlijk een beetje de omgekeerde wereld. Had ik dat dan bij ‘dieetwensen’ aan moeten geven?
  • In het geval van liften (of invalidentoilet) die alleen met een sleutel werken: geef zo’n sleutel meteen bij de aanmeldbalie mee. Ik ben best bereid om iets als borg af te geven, veel liever dat dan om hulp moeten vragen. En ik denk dat ik niet de enige ben die daar zo over denkt.
  • Grote groepen mensen van eten en drinken moeten voorzien, is altijd lastig. Ik snap dat er in die gevallen (vrijwel altijd) voor een lopend buffet gekozen wordt. Maar als alleen al de drankjes op dienbladen rondgebracht worden, zou dat zoveel schelen. Ook voor mensen zonder beperkingen: hoef je niet twee keer in de rij te staan, of met een bord èn een glas door de mensenmassa te gaan. Maar ik heb ook bijeenkomsten meegemaakt waar zowel de hapjes als de drankjes rondgebracht werden, ideaal!
  • Ook de statafels snap ik, veel praktischer met grote groepen mensen. Maar let hierbij op de plaatsing van de tafels. Zorg voor genoeg ruimte tussen de tafels, zodat er nog steeds een looppad vrij is als er mensen om de tafels staan. En wissel statafels af met lage tafels met stoelen of losse banken. Stop de lage zitjes niet ver weg in een hoek. Alleen maar drie kwartier ouwehoeren bij je vaste statafel met je vaste clubje, levert niet bijzonder veel op. Als het doel netwerken is, zorg dan voor een opdracht waarbij mensen letterlijk in beweging komen en iedereen gezien wordt.
  • Zorg dat de medewerkers die daarover gaan goed op de hoogte zijn van waar te parkeren en wat praktische routes zijn. Dus ook waar de gehandicaptenparkeerplaatsen zich bevinden. Die zijn er niet voor niets en kunnen iemand een hoop moeite besparen.
  • Op een onderwijsgerelateerde bijeenkomst is iemands aandoening of beperking niet handig om in een openingszin op te nemen. Mocht het gesprek toevallig zo lopen, prima. Het hoeft ook weer geen taboe te zijn. Maar zonder verdere kennismaking daarmee binnen te willen vallen… Nee, doe maar niet.

Dit artikel dekt lang niet alles als het gaat om toegankelijkheid bij conferenties. Het is vooral beschreven vanuit mijn oogpunt als rolstoelgebruiker. Voel je dan ook vrij om aanvullingen (al dan niet in de vorm van linkjes) in de reacties achter te laten. En delen mag uiteraard ook! Wie weet kan ik dan over nog drie jaar een heel ander verhaal vertellen.

En aan de organisaties die nu vreselijk op hun teentjes getrapt zijn vanwege al mijn kritiek: wees maar niet bang, dit is vooral een samenvatting van meerdere bijeenkomsten. Er zijn maar weinig organisaties die het op alle punten verprutsen.

O4 workhopper rolstoel getest

Het gaat hier best lekker. Niet dat ik mijn dagen nu pijnloos en vol energie doorkom, maar het is allemaal aardig in balans. Mijn werk heb ik inmiddels weer zover opgebouwd, dat ik mijn hele aanstelling weer werk. Ik ben niet meer deels ziek gemeld.

En dat wil ik natuurlijk graag zo houden! Om die reden heb ik de afgelopen week een paar aanvragen de deur uit gedaan. Want ik ben er nog steeds van overtuigd dat ik met hier en daar wat hulp of aanpassingen, nog best een poos kan blijven werken.

Aanvraag werkrolstoel bij het UWV

Na een aardige zoektocht was ik bij de O4 rolstoel aangekomen. Een rolstoel waar ik me op mijn werk mee kan verplaatsen, goed in kan zitten achter mijn bureau door de verstelbare rugleuning en zitting en de korte stukjes in mijn kantoor kan trippelen. Veel lichter en smaller dan een trippelrolstoel en ik kan er beter mee uit de voeten.

Nu is er dan eindelijk een rapport van mijn ergotherapeut, mede ondertekend door mijn revalidatiearts, dus kon ik de aanvraag versturen.

Ik had dat nooit eerder gedaan, mijn trippelstoel was gewoon door mijn werkgever aangeschaft en dat was eigenlijk wel zo makkelijk. Briefje van de ergotherapeut, bestellen en klaar. Via het UWV gaat dat niet zo snel. Behalve de aanvraag die je met behulp van je Digid verstuurt, moeten er ook documenten met de post verstuurd worden. Of in mijn geval was dat zo, omdat ik nog niet bekend ben bij het UWV. Het rapport van de ergotherapeut waarin staat wat ik nodig heb en waarom, plus mijn arbeidscontract om aan te tonen dat ik in vaste dienst ben.

Aanvraag gehandicaptenparkeerplaats op kenteken

Wij wonen in een oude wijk, vlakbij het centrum, waar de parkeerruimte vrij schaars is. Als ik de auto langs de stoep parkeer, is het voor mij lastig om in en uit te stappen. Dus zo blijven er nog wat minder parkeerplaatsen over. Nu heb ik wel een favoriet plekje op de parkeerplaats iets verderop in de straat. Eentje waarbij ik makkelijk de rolstoel in en uit de auto kan tillen, genoeg ruimte heb om zelf in en uit te stappen en op een afstand die nog net te lopen is voor mij.

Dat is belangrijk voor me, want als ik op een gegeven moment een rolstoel op mijn werk heb, kan ik dus mijn eigen rolstoel thuis laten. Dat scheelt zo zestien keer tillen in de week. Maar als de auto verderop geparkeerd staat, wordt dat lopen toch lastig. En het lijken zulke kleine dingetjes: even de rolstoel in de auto tillen, even een stukje verder lopen… Maar al zulke kleine dingetjes bij elkaar zorgen ervoor dat ik mijn lijf overbelast en weer verder achteruitga. Daar heb ik niet zoveel zin in.

En met een bouwproject om de hoek (ja, daar op mijn favoriete parkeerplekje) wat binnenkort zal gaan starten, raakte ik toch wel een klein beetje in paniek. Straks raak ik alles wat ik nu opgebouwd heb, weer kwijt. Dan zou het zomaar zo kunnen zijn dat de auto drie straten verder geparkeerd moet worden, wat voor mij niet te lopen is.

Vandaar dus dat ik een aanvraag heb ingediend voor een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken. Bij ons in de gemeente kom je daarvoor in aanmerking als de parkeerdruk hoog is en je zelf een gehandicaptenparkeerkaart hebt als bestuurder, plus een auto natuurlijk. Deze aanvraag ging ook weer ouderwets via de post. Met behalve het aanvraagformulier ook een kopie van mijn gehandicaptenparkeerkaart, rijbewijs en het kentekenbewijs van onze auto.

En nu maar afwachten…

Ja, die ambtenaren nemen hun tijd er wel voor. Twaalf weken voor de aanvraag van de gehandicaptenparkeerplaats en acht weken voor de aanvraag van een meeneembaar hulpmiddel. Dus het is nu vooral even geduld hebben en afwachten welke beslissingen genomen worden. Vervelend om daarin afhankelijk te moeten zijn van instanties. Aan de andere kant fijn dat ik er gebruik van mag maken. Het gaat me echt zoveel helpen om langer te kunnen blijven werken en me zelfstandig te kunnen verplaatsen.

Wat betreft de gehandicaptenparkeerplaats maak ik me op zich niet zoveel zorgen. Voor zover ik het in kan schatten, voldoe ik aan de eisen die ervoor opgesteld zijn. Het enige wat voor problemen kan zorgen, is dat de parkeerplaats nu eigendom is van de projectontwikkelaar en niet van de gemeente. Dat maakt het wellicht wat lastiger en misschien zal het niet de plek worden die voor mij het beste zou werken.

Het UWV heeft wel wat meer voorwaarden die zij zelf invullen. Zij moeten eerst nog bepalen of ik een structurele functionele beperking heb. Ik weet niet of het in mijn nadeel is dat ik inmiddels weer beter gemeld ben, maar verder denk ik wel dat EDS mij structureel en functioneel beperkt. Behalve dat vergoeden ze alleen de goedkoopste voorziening die geschikt voor mij is. Een O4 rolstoel is niet de goedkoopste rolstoel die er is, maar met alles wat ik geprobeerd heb, is deze wel het meest geschikt.

Heb jij ervaring met dit soort aanvragen? Hoe verliep dit bij jou?

En duim je mee dat het wachten het uiteindelijk waard gaat zijn?