toegankelijkheid foodtruckfestival

Vanaf 7 tot en met 11 oktober is het de Week van de Toegankelijkheid. En dit jaar staat deze week in het teken van: Doen wat je zelf wilt! Wat voor mensen zonder beperking vaak vanzelfsprekend is – gewoon lekker even een dagje pretpark, een museumbezoek of naar een concert – vraagt van iemand met een beperking wat meer organisatie, energie en soms ook frustratie. En eigenlijk zou dat niet zo moeten zijn. Als toegankelijkheid de norm is, dan zou het niet uit hoeven maken of iemand wel of geen beperking heeft. Dan zou iedereen even gemakkelijk moeten kunnen genieten van een uitje.

Nu heb ik al best wel wat vaker geschreven over toegankelijkheid en waar ik persoonlijk tegenaan liep. En in dit artikel wil ik hier een beetje een samenvatting van geven, binnen het thema van dit jaar. Dus wil je meer weten over hoe ik mijn vrije tijd graag doorbreng en hoe dit voor mij (en andere rolstoelgebruikers) nog wat toegankelijker kan, klik dan vooral ook door op de linkjes.

Dagje uit met het gezin

Dat toegankelijkheid absoluut nog niet overal de norm is, merkte ik overduidelijk bij een bezoek aan pretpark Drievliet. De afstand van de gehandicaptenparkeerplaats naar de ingang was echt enorm, de regels omtrent bezoekers met een beperking nogal ingewikkeld en het was slecht aangegeven in hoeverre de attracties toegankelijk zijn. Medewerkers zelf waren van dit alles ook niet echt op de hoogte.

Dan had ik betere ervaringen met Walibi, waar ze een handig systeem hebben, zodat je wel dezelfde wachttijd hebt, maar toch via de uitgang van een attractie makkelijk in kunt stappen. En een lijst met per attractie aangegeven voor welke beperkingen het minder goed te doen is.

EuromastMijn eerste bezoekje aan de Euromast met rolstoel was maar een nare ervaring. En niet eens zozeer vanwege het feit dat je niet overal kunt komen met een rolstoel. Dat zo’n toeristische trekpleister na zoveel jaar nog steeds niet genoeg heeft opgeleverd om een fatsoenlijke lift te kunnen installeren, tja… Maar het was vooral de asociale behandeling door het personeel wat het een nare ervaring maakte. Alsof ik niet meetelde in mijn gezin. Een jaar later ging de Euromast in de herkansing. En ook omdat ik iets meer voorbereid was op waar ik wel of niet kon komen èn het personeel dit keer een stuk vriendelijker was, was dit wel een succes.

Concerten & shows

Ik hou enorm van bandjes kijken. Alleen moet ik toegeven dat ik de grote zalen niet meer aandurf sinds ik hierbij een rolstoel nodig heb. Mij teveel geregel. De kleinere poppodia voldoen meestal prima voor mij. Hier kan ik gaan en staan waar ik wil. Over het algemeen laten mensen me wel voorgaan als ze doorhebben dat ze in mijn beeld staan.

De toiletten zijn nog weleens een verrassing. Inmiddels heeft Rotown wel een slot op het toilet, maar wat ik daar binnen soms aantref… Bij de Kroepoekfabriek ziet dat er een stuk beter uit. Soms is het toilet nog wel afgesloten, maar er lopen genoeg medewerkers rond die ‘m snel kunnen openen. De ingang bij de Kroepoekfabriek heeft dan wel weer een trappetje, maar je mag via de artiesteningang naar binnen, die wel gelijkvloers is. En dat heeft ook wel wat.

Pas was ik met een feestje van mijn man’s werk bij Studio’s Aalsmeer. Om in de eetzaal te komen, mocht ik backstage, omdat het tussen de tafels door te krap was. Ook naar het theater toe mocht ik via een andere route. Aan de ene kant vond ik dat wel leuk om te zien, hoe artiesten zich aan het voorbereiden waren. Maar je zit vervolgens wel aan een bepaalde plek vast, bijvoorbeeld op de eerste rij in het theater en tijdens het eten met alle rolstoelgebruikers aan dezelfde tafel. Dat hoeft dan weer niet zo van mij.

Bij kleine theaters zoals het Zuidpleintheater of het Maastheater waar je geen vaste zitplaatsen hebt, wordt er meestal ter plekke een makkelijk toegankelijke plaats voor mij met mijn rolstoel geregeld. En dat gaat eigenlijk altijd wel goed. In bioscopen neem ik ook niet altijd de rolstoelplaats, maar zet ik mijn rolstoel aan de kant en ga ik op zo’n mooie, relaxte stoel zitten. In sommige theaters doe ik hetzelfde, als ze tenminste goede stoelen hebben.

Wanneer in grote theaters zoals het Nieuwe Luxor vaste plaatsen toegewezen worden, vind ik het altijd jammer dat je niet met je hele gezelschap bij elkaar mag zitten. Er kan maar één persoon naast een rolstoel, de rest zit dan op een andere rij. Soms wel tientallen meters verderop. Zo was ik een keer met mijn zus en onze jongste dochters naar een musical geweest en zaten onze meiden echt een flink eind van ons vandaan. We hadden natuurlijk wel kunnen splitsen: zij beneden met haar dochter en ik boven met mijn dochter, maar wat is dan de lol van samen naar een musical gaan? Gelukkig hebben we hele brave kinderen en hebben zij zich prima vermaakt zonder ons.

Festivals

Net als bij concerten ben ik niet meer zo’n fan van grootschalige festivals sinds ik mijn rolstoel heb. Ik voel me er een stuk minder welkom in zo’n enorme mensenmassa. Uitzicht op konten en mensen die over mijn rolstoel struikelen is echt niet zo aantrekkelijk.

Het lastige bij festivals is daarnaast dat ze vaak een bepaalde sfeer willen uitstralen, die niet altijd samengaat met toegankelijkheid. Zo is Castlefest rondom een kasteel met nogal wat lastige paadjes. En zelfstandig eten en drinken halen is een behoorlijke uitdaging met al het gras. Net als bij een Foodtruckfestival trouwens. Is het al gelukt om je eten of drinken vanaf een hoge counter aan te nemen, moet je er nog mee aan de rol gaan om een plekje te vinden om het te nuttigen.

Het scheelt al zoveel als het festival niet zo overdreven druk is. Gewoon wat meer bewegingsruimte en niet door een enorme rij opgejaagd te worden als je met je drankje aan het klungelen bent. Zo kan ik tenminste een wijntje drinken wanneer ik daar zin in heb, zonder de kleur of hoeveelheid wijn aan te hoeven passen aan de omstandigheden van het festival.

Musea

Eigenlijk zijn de meeste moderne musea prima te doen qua toegankelijkheid. En met mijn Rotterdampas zou ik gewoon eens wat vaker moeten gaan. De laatste keer dat ik in de Kunsthal was, is alweer even geleden. Maar op één steile schuine helling na, kon ik daar overal komen. Personeel is ook erg behulpzaam om een shortcut te laten zien om een trap te ontwijken. Net als in Museum Rotterdam trouwens. Daar is een kleine plateaulift die door het personeel bediend moet worden.

En Museum Vlaardingen is sinds de verbouwing een aantal jaar geleden ook goed toegankelijk met een lift en ruime zalen.

Doen wat je zelf wilt

Met een beetje aanpassen lukt het me over het algemeen wel om het naar mijn zin te hebben in mijn vrije tijd. Ik vind het persoonlijk niet zo’n probleem als ik daarbij soms net even een andere route moet nemen. Zolang het me niet teveel extra tijd kost en ik zelf kan kiezen waar ik vervolgens heen ga. En door wel of niet mijn Smartdrive of Freewheel te gebruiken, kan ik soms net wat meer kanten op. Ik snap ook wel dat het vaak praktischer (en veiliger) is als rolstoelgebruikers vaste plekken toegewezen krijgen.

Alleen voel ik me dan wel een stuk minder vrij. Ik kan nooit helemaal doen wat ik zelf zou willen, omdat er altijd wel iets is waar ik me op moet aanpassen.

Hoe zou het zijn als het andersom was? Als de mensen zonder beperking zich continu zouden moeten aanpassen aan een maatschappij die volledig ingesteld is op mensen met een beperking. Zou jij daar genoegen mee nemen?

Filmpje met dank aan Xandra Koster, die je zeker op Twitter moet volgen als je meer wil weten over toegankelijkheid en/of validisme.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.