Berichten

O4 workhopper rolstoel getest

Het gaat hier best lekker. Niet dat ik mijn dagen nu pijnloos en vol energie doorkom, maar het is allemaal aardig in balans. Mijn werk heb ik inmiddels weer zover opgebouwd, dat ik mijn hele aanstelling weer werk. Ik ben niet meer deels ziek gemeld.

En dat wil ik natuurlijk graag zo houden! Om die reden heb ik de afgelopen week een paar aanvragen de deur uit gedaan. Want ik ben er nog steeds van overtuigd dat ik met hier en daar wat hulp of aanpassingen, nog best een poos kan blijven werken.

Aanvraag werkrolstoel bij het UWV

Na een aardige zoektocht was ik bij de O4 rolstoel aangekomen. Een rolstoel waar ik me op mijn werk mee kan verplaatsen, goed in kan zitten achter mijn bureau door de verstelbare rugleuning en zitting en de korte stukjes in mijn kantoor kan trippelen. Veel lichter en smaller dan een trippelrolstoel en ik kan er beter mee uit de voeten.

Nu is er dan eindelijk een rapport van mijn ergotherapeut, mede ondertekend door mijn revalidatiearts, dus kon ik de aanvraag versturen.

Ik had dat nooit eerder gedaan, mijn trippelstoel was gewoon door mijn werkgever aangeschaft en dat was eigenlijk wel zo makkelijk. Briefje van de ergotherapeut, bestellen en klaar. Via het UWV gaat dat niet zo snel. Behalve de aanvraag die je met behulp van je Digid verstuurt, moeten er ook documenten met de post verstuurd worden. Of in mijn geval was dat zo, omdat ik nog niet bekend ben bij het UWV. Het rapport van de ergotherapeut waarin staat wat ik nodig heb en waarom, plus mijn arbeidscontract om aan te tonen dat ik in vaste dienst ben.

Aanvraag gehandicaptenparkeerplaats op kenteken

Wij wonen in een oude wijk, vlakbij het centrum, waar de parkeerruimte vrij schaars is. Als ik de auto langs de stoep parkeer, is het voor mij lastig om in en uit te stappen. Dus zo blijven er nog wat minder parkeerplaatsen over. Nu heb ik wel een favoriet plekje op de parkeerplaats iets verderop in de straat. Eentje waarbij ik makkelijk de rolstoel in en uit de auto kan tillen, genoeg ruimte heb om zelf in en uit te stappen en op een afstand die nog net te lopen is voor mij.

Dat is belangrijk voor me, want als ik op een gegeven moment een rolstoel op mijn werk heb, kan ik dus mijn eigen rolstoel thuis laten. Dat scheelt zo zestien keer tillen in de week. Maar als de auto verderop geparkeerd staat, wordt dat lopen toch lastig. En het lijken zulke kleine dingetjes: even de rolstoel in de auto tillen, even een stukje verder lopen… Maar al zulke kleine dingetjes bij elkaar zorgen ervoor dat ik mijn lijf overbelast en weer verder achteruitga. Daar heb ik niet zoveel zin in.

En met een bouwproject om de hoek (ja, daar op mijn favoriete parkeerplekje) wat binnenkort zal gaan starten, raakte ik toch wel een klein beetje in paniek. Straks raak ik alles wat ik nu opgebouwd heb, weer kwijt. Dan zou het zomaar zo kunnen zijn dat de auto drie straten verder geparkeerd moet worden, wat voor mij niet te lopen is.

Vandaar dus dat ik een aanvraag heb ingediend voor een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken. Bij ons in de gemeente kom je daarvoor in aanmerking als de parkeerdruk hoog is en je zelf een gehandicaptenparkeerkaart hebt als bestuurder, plus een auto natuurlijk. Deze aanvraag ging ook weer ouderwets via de post. Met behalve het aanvraagformulier ook een kopie van mijn gehandicaptenparkeerkaart, rijbewijs en het kentekenbewijs van onze auto.

En nu maar afwachten…

Ja, die ambtenaren nemen hun tijd er wel voor. Twaalf weken voor de aanvraag van de gehandicaptenparkeerplaats en acht weken voor de aanvraag van een meeneembaar hulpmiddel. Dus het is nu vooral even geduld hebben en afwachten welke beslissingen genomen worden. Vervelend om daarin afhankelijk te moeten zijn van instanties. Aan de andere kant fijn dat ik er gebruik van mag maken. Het gaat me echt zoveel helpen om langer te kunnen blijven werken en me zelfstandig te kunnen verplaatsen.

Wat betreft de gehandicaptenparkeerplaats maak ik me op zich niet zoveel zorgen. Voor zover ik het in kan schatten, voldoe ik aan de eisen die ervoor opgesteld zijn. Het enige wat voor problemen kan zorgen, is dat de parkeerplaats nu eigendom is van de projectontwikkelaar en niet van de gemeente. Dat maakt het wellicht wat lastiger en misschien zal het niet de plek worden die voor mij het beste zou werken.

Het UWV heeft wel wat meer voorwaarden die zij zelf invullen. Zij moeten eerst nog bepalen of ik een structurele functionele beperking heb. Ik weet niet of het in mijn nadeel is dat ik inmiddels weer beter gemeld ben, maar verder denk ik wel dat EDS mij structureel en functioneel beperkt. Behalve dat vergoeden ze alleen de goedkoopste voorziening die geschikt voor mij is. Een O4 rolstoel is niet de goedkoopste rolstoel die er is, maar met alles wat ik geprobeerd heb, is deze wel het meest geschikt.

Heb jij ervaring met dit soort aanvragen? Hoe verliep dit bij jou?

En duim je mee dat het wachten het uiteindelijk waard gaat zijn?

staking onderwijs

Van 11 tot en met 15 maart voert het hele onderwijs actie. Goed onderwijs is nodig en daar heb je leraren voor nodig, waar juist steeds meer een tekort aan is. De actieweek wordt afgesloten met een staking op 15 maart.

Ik zie de noodzaak om actie te voeren, maar twijfel nog wat ik hierin kan betekenen. Wel of niet staken…

Waarom wel staken?

Alleen over het waarom wel zou je al hele artikelen kunnen vullen. Frans Droog en Michelle van Dijk deden dit al. Zij noemen heel veel goede argumenten, dus zeker even doorklikken en hun stuk lezen!

Wat voor mij belangrijk is:

  • Het zijn niet alleen de leraren die er last van hebben, ook de leerlingen en hun ouders. Leerlingen missen lesstof door lesuitval en zijn daardoor misschien minder goed voorbereid op hun vervolgopleiding of toekomstige beroep. Ouders moeten opvang regelen als de school kinderen naar huis stuurt bij gebrek aan leraren.
  • Onderwijs is de basis van de samenleving. Als dat niet op orde is, brokkelt de rest ook af.  Wanneer leerlingen/studenten klaar zijn met school en het werkende leven in gaan, breidt het zich als een olievlek uit. Dan kun je niet de lat steeds lager leggen en die beginnende beroepsbeoefenaars met een halflege rugzak het werkveld insturen. Of wat ook wel gebeurt: de lat hoger leggen, maar dit niet faciliteren in het onderwijs.
  • Het lerarentekort en daarbij de hoge werkdruk zijn problemen die al zo lang spelen en nog is er geen oplossing voor. Het werken in het onderwijs moet aantrekkelijker gemaakt worden, zodat meer mensen hiervoor willen kiezen en ook willen en kunnen blijven werken. Lagere werkdruk, een passend salaris en carrièreperspectief.

Waarom niet staken?

  • CNV doet niet mee aan de staking. Mijn werkgever en de mbo-raad staan ook niet achter de staking. Zij zien een staking als een uiterste middel, wat nu niet het moment is, omdat ze nog in onderhandeling zijn over de cao. Vind ik op zich een logische verklaring.
  • Ik heb nog steeds een zure nasmaak van de NOT waar onderwijsmensen niet om wisten te gaan met het feit dat ik in een rolstoel zit. Wil ik dan in een nog grotere mensenmassa met diezelfde mensen rondlopen?
  • Ik ben nog steeds deels ziek gemeld, wel al aardig aan het opbouwen. Maar dat kleine beetje dat ik lesgeef, is precies die vrijdag wanneer er ook gestaakt wordt. En precies aan die ene groep waar ik zelf hoge eisen aan stel qua aanwezigheid. Het voelt dan niet fijn om zelf niet op te komen dagen bij die les.
  • Dat opbouwen wil ik graag doorzetten. Een uitstapje naar Malieveld is fysiek gezien zo zwaar voor mij, dat ik daar zeker twee weken van moet herstellen en even niet kan opbouwen. Dat is het me niet waard. En thuiszitten tijdens het staken? Daar wil ik nu juist van af, voor mij voelt dat niet als staken en kan ik dan net zo goed wèl mijn werk doen.

En ja, dat zijn best persoonlijke redenen om niet te gaan staken, terwijl ik de redenen om wel te staken wel veel breder kan trekken dan alleen mijn eigen hachje. Maar hoe meer ik in mijn werk beperkt wordt door EDS, hoe minder ik gezien word. Ik voel de solidariteit niet, die juist zo nodig is bij een staking als deze. Als ik dan toch niet gezien word, waarom zou ik er dan moeite in stoppen?

Dus, overtuig mij: waarom zou ik wel of niet gaan staken op 15 maart?

O4 workhopper rolstoel getest

Voor op mijn werk ben ik al een tijdje op zoek naar de ideale oplossing als het gaat om zitten en verplaatsen. De trippelrolstoel was het niet helemaal, ongeacht merk of ondergrond. Het blijft gewoon een te zware en te grote stoel om mee te trippelen en/of rollen. Even dacht ik dat ik me er maar bij neer moest leggen dat ik gewoon maar twee stoelen zou moeten aanvragen. Een trippelstoel waar ik echt goed in ondersteund word en een rolstoel die daarnaast op mijn werk kan blijven staan om me tussen de lokalen en kantoren te kunnen verplaatsen.

Maar ondertussen had ik ook nog steeds een oogje op de rolstoelen van O4. En na een bezoekje aan de showroom in Varsseveld mocht ik de Workhopper van O4 uitproberen op mijn werk.

Dit maakt de O4 Workhopper anders dan andere rolstoelen

De zitting en rugleuning zijn gemakkelijk anders in te stellen, zodat je je zithouding kan variëren. Voor mij in mijn werk betekent dit:

  • Net iets hoger zitten om iets uit de kast te pakken of om op het kopieerapparaat te kijken.
  • Bij overleggen, gesprekken of in de pauze de rugleuning iets naar achter zetten, zodat ik meer ontspannen kan zitten.
  • Door de voetplaat opzij te klappen, kan ik trippelen als ik mijn handen vol heb.
  • Achter mijn bureau kan ik variëren in zithouding door de rugleuning zo in te stellen als ik op dat moment prettig vind. Ik zit niet de hele werkdag in dezelfde houding.
  • De rugleuning loopt tot mijn schouderbladen en is daarmee hoger dan die van mijn andere rolstoelen. dat geeft net wat meer steun bij het lange zitten.
  • Vergeleken met de trippelrolstoelen is de O4 Workhopper veel lichter en minder breed. Vergeleken met een gewone rolstoel wel iets zwaarder, maar dat verschil merk ik niet met rollen.
  • Hij heeft een vast zitkussen wat echt heerlijk zit.

Wat mis ik nog aan de O4 Workhopper?

De rolstoel die ik nu geleend heb, is natuurlijk niet helemaal aan mijn behoeften aangepast. Zo vind ik ‘m eigenlijk net iets te hoog voor het trippelen. Ik kan daardoor niet zo goed met mijn voeten afzetten. En ik mis de wig in de zitting heel erg. De zitting van deze rolstoel kan vooral naar voren kantelen, maar dus niet naar achteren.

Ik zou ook wat meer ingeklemd willen zitten, dus wat hogere spatborden. En of de rugleuning mij wel voldoende steun geeft, ben ik nog niet over uit. Misschien dat ik dat minder nodig heb als de spatborden hoger zijn. Maar op dit moment heb ik nog steeds een pijnlijke onderrug als ik een ochtend gewerkt heb. Op zich heb ik dat met andere (rol-)stoelen ook wel, dus of het helemaal op te lossen is, weet ik niet.

Verder kan er wèl een hoop aangepast worden, zoals de zithoogte, wig, spatborden. En dan zou het alles bij elkaar een veel betere rolstoel zijn dan mijn huidige. Zonde eigenlijk om ‘m dan alleen op mijn werk te hebben staan!

Een laatste dingetje is wel dat ik tijdens het rollen niets kan meenemen. Op mijn schoot glijdt het eraf, tussen mijn knieën past niet zoveel en de rugleuning leent zich er niet voor om elke tas hieraan te hangen. Maar hier had ik zelf al snel een oplossing voor gevonden.

O4 workhopper rolstoel met zakje

DIY rolstoelzakje met behulp van Ikea

Toevallig was ik pas met man en kinderen in de Ikea en ging ik bij de opbergspullen eens op zoek naar iets wat dienst kon doen om mapjes en papierwerk in mee te nemen met mijn rolstoel. De schoenendozen daar leken me wel wat, maar deze waren helaas te smal om A4 in op te bergen. Bij het ophangbord Skadis en bijbehorende accessoires kwam ik een zakje tegen met een metalen rand. Dat leek me ook wel wat.

Eenmaal thuis ben ik in mijn kastjes gaan neuzen hoe ik het zakje aan mijn rolstoel kon hangen. En omdat mijn laatje met siernieten, drukknopen en nestelringen wel eens mag slinken qua voorraad, ben ik daarmee in de weer gegaan. Dus een keer zonder naaimachine!

Nu moet ik helaas straks weer de geleende O4 Workhopper inleveren, maar dat zakje kan ik ook makkelijk aan mijn eigen rolstoel hangen. Maar natuurlijk hoop ik dat ik over een tijdje een eigen Workhopper heb om ‘m aan te hangen.

Dit is geen gesponsord artikel, ook jij kunt een O4 rolstoel een week lang uitproberen! Niet alleen op je werk, maar ook thuis.

 

driewielligfiets broekpolder hase lepus woutlander

Wat een jaar was 2018! In januari had ik nooit kunnen bedenken dat ik nu in december hier zou staan. Fysiek gezien heb ik een paar flinke stappen terug moeten doen, maar daardoor kon ik wel weer vooruit. Ik ga met een tevreden gevoel 2019 in. Om overal op terug te blikken, zou een erg lang artikel opleveren. Maar de plannen die ik voor 2018 had, die mogen natuurlijk niet ontbreken. Eens zien wat daarvan terecht is gekomen…

1. Wel of geen ifuse

Nou, daar ben ik nu wel over uit: Nee, dat gaat ‘m niet worden. Na lang twijfelen en de voors en tegens afwegen, had ik eerder dit jaar al besloten die plannen voor een ifuse in de koelkast te zetten. Het vastzetten van mijn SI zou de pijn in mijn heup toch niet wegnemen.

En inmiddels heb ik wel iets gevonden wat mijn pijn vermindert: gewoon mijn lijf niet meer overbelasten. Niet dat dat makkelijk is, maar het werkt wel.

2. Belastbaarheid in kaart brengen

In kaart brengen wat me energie geeft of juist overbelast in mijn werk en hier op aanpassen wat nodig is om het werk te kunnen blijven doen. Dat was nogal een klus, steeds weer een stapje terug nemen. Ik ben weer in de weer geweest met plakjes salami om het inzichtelijk te krijgen. En op dit moment red ik het door halve dagen te werken en mijn rolstoel te gebruiken bij alles wat ik buitenshuis doe. Dus ook op mijn werk.

Wat aanpassingen betreft, zit ik nog midden in die zoektocht. De trippelrolstoel die ik uitgeprobeerd had, was het toch niet helemaal. Het is best lastig iets te vinden wat helemaal aansluit bij wat ik nodig heb, om mijn lijf zo min mogelijk te overbelasten.

3. Fysiek in balans blijven/opbouwen

Tja, die balans ben ik juist dit jaar even flink kwijtgeraakt. Eind januari had ik mijn lijf door een piek in de werkdruk enorm overbelast en het lukte me maar niet om daar weer bovenop te komen. Ook niet toen ik mijn rolstoel voortaan op mijn werk ging gebruiken. In de meivakantie meldde ik me voor 50% ziek en tegen de zomervakantie werd dat zelfs 75%. En eerlijk gezegd was ik het vertrouwen een beetje kwijtgeraakt of het nog wel goed zou komen.

Pas na de zomervakantie lukte het me om ècht binnen mijn grenzen te blijven. Nu kan ik inmiddels wel zeggen dat ik fysiek in balans ben. Ik stem mijn activiteiten op de dag af op wat mijn lijf aankan. En wat werk betreft ben ik langzaamaan weer wat aan het opbouwen. Ik ben nu nog voor 33% ziek gemeld en hoop hierin verder te kunnen opbouwen tot ik weer mijn hele aanstelling kan werken.

Dat was niet het soort opbouwen wat ik aan het begin van 2018 voor ogen had, maar vooruit. Ik denk wel dat ik nu op de juiste manier aan het opbouwen ben.

4. Samenwerken met bedrijven die ècht bij mijn blog passen

Eerlijk gezegd stop ik hier nog niet heel erg veel moeite in. Bedrijven echt actief benaderen is niet zo mijn ding. Maar dat betekent niet dat er geen leuke samenwerkingen op mijn pad zijn gekomen. Zo kwam er precies op het juiste moment een aanbod van sportvasten voorbij. En het pakketje van Woutlander zorgde ervoor dat ik weer zin had om eropuit te trekken. En alles wat ik kan uitproberen in combinatie met dansen, is altijd leuk! Zoals een draadloze koptelefoon en een custom made legging.

Ik zou nog steeds wel meer samenwerkingen aan willen gaan met betrekking tot hulpmiddelen. Zoals het artikel wat ik schreef over of een traplift binnen mijn woonbehoeften past.

5. Meer met fusion buikdans doen

Jawel, ik heb meegedaan aan de Shimmy Shake Talent Search en mocht door voor coaching. Het resultaat van die coaching mocht ik samen met andere prachtige danseressen laten zien bij het Shimmy Shake Talent Carnival. En eigenlijk smaakte dat vooral naar meer!

In de zomer volgde ik een privéles bij Vleer. En in november heb ik een workshop van Olga Meos gevolgd tijdens het Shimmy Shake Festival.

Dus alles bij elkaar genomen, kun je wel zeggen dat ik dit jaar meer met fusion buikdans heb gedaan! Ik blijf deze stijl toch erg leuk vinden om naast inclusiedans te doen. En ik zou er nog wel veel meer in willen leren.

Wat me ook alles is meegevallen, is als enige in een rolstoel dansen. Bij Misiconi dans ik op zich ook wel als enige in een rolstoel, maar daar zijn ze het wel gewend. Ik was er toch wel een beetje onzeker over hoe anderen er tegenover zouden staan als ik daar een beetje in de weg kom staan met mijn rolstoel. Maar daar was ik snel van af, ik voel me er inmiddels niet meer ongemakkelijk bij. Ik durfde het zelfs aan om met mijn jongste dochter mee te dansen met haar streetdance les toen de laatste les voor de kerstvakantie ouders uitgenodigd waren om mee te dansen. Ok, die dansstijl is niet mijn ding, maar het was erg leuk om zo samen met mijn dochter te dansen.

Hallo 2019!

Uiteraard heb ik al wat nagedacht over het komende jaar. Er is nog genoeg wat ik wil bereiken! Maar ik hou het even bij vier puntjes die ik eind 2019 wil kunnen afvinken:

  1. Een goede stoel (of stoelen) op mijn werk. Dat is iets waar ik met mijn ergotherapeut nu mee bezig ben en hopelijk vinden we in 2019 iets wat past bij wat ik nodig heb.
  2. Weer helemaal ‘beter’ zijn. Echt beter word ik natuurlijk niet, maar ik verwacht wel dat ik weer mijn hele aanstelling kan werken. Als ik het maar rustig opbouw en niet over mijn grenzen ga.
  3. Mooie foto’s kunnen maken. Ik heb al een poos een fijne systeemcamera, maar haal daar nog lang niet alles uit. Het wordt weleens tijd voor een cursus, altijd leuk om wat nieuws te leren.
  4. Een heel tof feestje gaan geven als ik 40 word!!! Heerlijk om daar nu al naar uit te kijken. Ik heb al een café afgehuurd, ben op zoek naar een leuk coverbandje… Kan niet wachten tot het augustus is, haha!

Hoe was 2018 voor jou? En wat wil jij in 2019 bereiken?

De salamitechniek is ooit de aanleiding geweest om dit blog te beginnen. Je belastende activiteiten in plakjes snijden en beter verdelen over de dag, dat is de bedoeling ervan. Want een salamiworst eet je ook niet in één keer op, dat trekt je maag niet. Dat ik daar niks aan vind en er niet zoveel van bak, moge duidelijk zijn, gezien de titel van dit blog.

Maar toch, als ik terugkijk naar de laatste keer dat ik mijn plakjes salami op een rijtje legde: er zit verbetering in! Er zit meer balans in hoe ik mijn dagen indeel en dat merk ik aan mijn lijf. En nog stinkt die salami…

Hoe weet je nu hoeveel plakjes salami (of lepels) je op een dag hebt?

Volgens de lepeltheorie (klik hier voor het origineel van Christina Miserandino) kun je met lepels laten zien hoe zwaar activiteiten wegen voor iemand die chronisch ziek is. Ik hou het op plakjes salami, omdat mijn blog daar nu eenmaal naar vernoemd is. Het principe is hetzelfde: je hebt er maar een beperkt aantal van, minder dan een gezond persoon. Op is op en het is niet verstandig om te lenen, want daar krijg je later de rekening van.

Maar hoe weet je nu hoe belastend een activiteit voor jou is? Hoeveel plakjes salami je daaraan kwijt bent? En is dit iets wat vastligt, of kan dit ook veranderen?

Geloof mij, dat was voor mij echt een behoorlijke zoektocht. Even een revalidatietrajectje van een paar maanden was hier echt niet genoeg voor. Revalidatietraject nummer twee van iets meer maanden ook niet. Ik ben nu zo’n anderhalf jaar met mijn huidige revalidatiearts bezig en nu pas heb ik een beetje het idee dat ik doorheb wat mijn lijf aankan.

Want ik moest dus terug, de lat lager leggen. En nog lager. En nog lager. Ik was al zoveel jaar flink over mijn grenzen aan het gaan, ik had geen idee meer waar mijn grens echt lag. Elke keer dacht ik dat ik die lat nu toch wel laag genoeg had gelegd. Maar nee, nòg een stukje lager dus. Me ziekmelden op mijn werk. Stoppen met de sportschool. En thuis na elk plakje salami weer op de bank liggen.

En op het moment dat ik dacht dat de pijn en vermoeidheid hun laagste punt hadden bereikt, ben ik het in kaart gaan brengen. Hoeveel activiteiten plan ik op een dag en hoe zwaar maak ik deze om aan het eind van de dag nog een acceptabel niveau qua pijn en vermoeidheid te hebben? Klinkt behoorlijk subjectief en het is ook enorm lastig dit concreet te maken. Maar een pijnscore van maximaal 3 en na inspanning me na twintig minuten rusten weer fit voelen, is voor mij acceptabel.

salami salamitechniek activiteiten wegen

18 Plakjes salami per dag

Op het whiteboard in mijn naaikamertje heb ik het een poosje bijgehouden. Net zoals de vorige keer: een plakje salami staat voor een half uur belasting, een extra plakje voor de zwaardere activiteiten en een wit rondje voor een half uur rusten.

Vergeleken met toen kosten lesgeven en boodschappen doen me geen twee plakjes salami meer per half uur. Dat doe ik inmiddels ook met rolstoel, wat het minder zwaar maakt.

Maar 18 plakjes dus. 9 in de ochtend, 6 in de middag en 3 in de avond. Van de 24 uur die er in een dag zitten, lig ik er 8 op bed ‘s nachts. Blijven er 16 over, waarvan ik er dus maar 9 actief kan besteden. De overige 7 zijn om te rusten. Rusten is in mijn geval niet dat ik een middagdutje doe, maar vaak lig ik wel plat. Of in ieder geval hang ik in wat kussens en leg ik mijn benen op de bank.

En van die 9 uur die ik op een dag actief kan zijn, gaan er nu ongeveer 4 naar mijn werk (inclusief reistijd). Dat is dan wel nu ik nog steeds deels ziek gemeld ben.

Dit zijn dan mijn plakjes. Die zien er anders uit dan bij een ander, er is ook geen goed of fout aantal plakjes. Voor sommigen kost douchen al een dubbel plakje en voor een ander is het aan tafel eten een rustmoment.

Toch stinkt die salami…

Het gaat best goed, met die 18 plakjes red ik het wel. Ook om buiten mijn werk nog zo nu en dan iets anders te doen. Zoals afgelopen week had ik toevallig voor allebei mijn dochters iets van een studievoorlichtingsbijeenkomst waar we heen moesten. Maar eigenlijk is er zo elke week weer een afspraak waar ik heen moet, voor mezelf of voor mijn meiden.

Ik red het nu, met de uren die ik nu werk. Nu het goed gaat, wil ik langzaamaan weer gaan opbouwen. Op advies van de bedrijfsarts ben ik eerst binnen die uren andere activiteiten gaan doen, zoals lesgeven. En nu dat best aardig gaat, wil ik weer meer uren gaan maken. Maar dan nog komen er niet ineens extra plakjes salami uit de lucht vallen. Het zou best zo kunnen zijn dat ik mijn plakjes die ik privé wil gebruiken, straks voor mijn werk nodig heb. En dat stinkt, want ik wil het gewoon allebei. Èn mijn werkdagen langer kunnen maken èn buiten mijn werk nog kunnen koken, een boodschapje doen, enzovoort.

Net als dat mijn plakjes salami voor het lesgeven en boodschappen doen zijn verminderd, zou ik kunnen kijken naar hoe ik andere activiteiten minder zwaar kan maken. De pauze op mijn werk bijvoorbeeld, dat zou eigenlijk echt een rustmoment moeten zijn. Nu kan ik wel een stretcher meenemen naar mijn werk en daar op gaan liggen in de pauze. Dat heb ik jaren geleden ook al eens gedaan. Maar in de docentenkamer zou dat wat krap worden en om nou in mijn uppie pauze te gaan houden… Ook dat stinkt.

En weer verder puzzelen…

Een stretcher vind ik dus niet zo’n goede optie, maar ik zou wel een bureaustoel kunnen gebruiken waarvan de rugleuning verder naar achteren kan en dan mijn benen op een stoel leggen. Neemt nog steeds veel ruimte in in de docentenkamer, maar haalt wel even een beetje druk van mijn bekken af.

Of misschien als ik ooit een goede trippelrolstoel heb waarbij ik de rugleuning en zitting wat kan kantelen, dat dat nog wat scheelt. Sowieso zou dat het reizen naar mijn werk minder zwaar maken, want dan hoef ik mijn rolstoel niet meer mee te zeulen.

Als ik thuis op mijn laptop wil werken, zou ik dat ook liggend op de bank kunnen doen. Alleen mijn polsen vinden dat weer niet zo heel prettig.

Er zijn zo vast nog wel mer mogelijkheden, alleen moet ik die nog ontdekken. Komt vast goed. En wie weet, als ik nou een flinke poos binnen die grenzen van mij blijf, lukt het me wel om die plakjes salami op te hogen.

Wat helpt jou om activiteiten minder belastend te maken en zo meer te kunnen op een dag?

trippelrolstoel trippelstoel

Op mijn werk ben ik op dit moment nog steeds voor vijftig procent ziek gemeld, maar ik hoop wel over een tijdje weer op te kunnen bouwen. En om op mijn werk zo efficiënt mogelijk met mijn beperkte belastbaarheid om te gaan, ben ik met mijn ergotherapeut op zoek naar een goede stoel, bijvoorbeeld een trippelrolstoel.

Als ik dan een goede stoel zou hebben die ik op mijn werk kan laten staan, zou me dat zoveel schelen. Op zich kan ik het stukje van de parkeerplaats of de fietsenstalling naar mijn werkplek wel lopen. Of in ieder geval als ik het niet te vaak hoef te doen.

Rijden, tillen, rollen, overstappen, trippelen

Nu neem ik mijn rolstoel elke dag mee naar mijn werk. Dat is dus ‘s ochtends in de auto tillen en er weer uit en ‘s middags hetzelfde liedje nog een keer. Op mijn werkplek aangekomen, stap ik over van mijn rolstoel naar mijn trippelstoel. Deze zit fijner en ik kan ermee beter in mijn kleine kantoortje heen en weer bewegen van kast naar bureau. Maar voor elke keer dat ik naar het kopieerapparaat, de docentenkamer, de administratie of een klaslokaal moet, stap ik weer over op mijn rolstoel.

Dat alles kost me een hoop energie met al dat overstappen. En in het reizen naar mijn werk zijn de keuzes wat beperkt. Ik kan mijn rolstoel wel achterop mijn driewielligfiets meenemen, maar het erop tillen en vastzetten gaat niet altijd even soepel. Achterop de scooter gaat niet meer sinds ik de Smartdrive heb. Het bevestigingsstukje aan de as zit in de weg om ‘m goed op de bagagedrager te kunnen zetten.

Met mooi weer ga ik nog weleens rollend met de Smartdrive en mijn Freewheel. Dan ben ik in 25 minuten op mijn werk, dus dat is nog best te doen. Maar meestal ga ik nu dus met de auto, omdat dat het gemakkelijkst en snelst is om mijn rolstoel mee te nemen.

Hier mijn huidige trippelstoel in actie:

Trippelrolstoel Le Triple Wheels

Met mijn ergotherapeut ben ik een trippelrolstoel gaan uitproberen van Sowecare, Le Tripple. Het idee was daarbij dat als ik een trippelstoel heb met hoepels, ik niet meer hoef over te stappen van de ene naar de andere stoel. Zo bespaar ik tijdens mijn werk energie en hoef ook niet meer mijn rolstoel mee te sjouwen.

Maar het klinkt mooier dan het was. De verkoper/adviseur van Zorgdrager was ook niet zo weg van deze stoel. Het rollen en trippelen gaat wel ok, maar het zit voor geen meter. De zitting en rugleuning voelen aan als een plank met een dun laagje bekleding. Als de stoel in een hogere stand gezet wordt, wordt het geheel een stuk wiebeliger.

Het trippelen gaat overigens wel anders dan in een gewone trippelstoel. Door de hoepels kun je niet zijwaarts bewegen. Dat is iets wat ik wel veel doe op mijn werkplek en vaak ook met volle handen. Even wat van mijn bureau in een kast leggen, of juist een map uit de kast pakken. Met een trippelrolstoel kun je wel de hoepels erbij gebruiken om makkelijk te draaien, maar met spullen in je handen gaat dat dus niet zo makkelijk meer.

Nee, geen succes dus, deze trippelrolstoel.

Mercado trippel(rol)stoel

Helaas was het niet gelukt om een trippelrolstoel van Mercado (REAL DUAL 7100/7000) in de showroom te krijgen op het moment dat ik daar die afspraak had. Maar er waren wel een paar verschillende trippelstoelen die ik uit kon proberen. Een groot verschil met Le Triple is dat Mercado wèl verschillende mogelijkheden heeft wat betreft de zitting en rugleuning. Bijvoorbeeld meer ondersteuning aan de zijkanten, maar ook de mogelijkheid om de zitting met rugleuning iets naar voren of achteren te kantelen.

En vooral die kanteling maakt dat ik veel lekkerder in die stoel kan zitten. Sowieso ook het kunnen afwisselen van zithouding is prettig. De Mercado trippelstoel zit ook een stuk stabieler dan Le Triple, ook in de hoogste stand.

Nadeel was dan weer wel dat met iets meer wig mijn voeten niet meer bij de grond komen in de laagste stand. Dan is de trippelstoel ook wel in een lagere variant te bestellen, maar dan gaat hij in de hoogste stand ook minder hoog. En dat is dan weer een nadeel als ik op het bord moet schrijven of iets dergelijks.

Wegen de voordelen op tegen de nadelen?

Of een trippelrolstoel dè oplossing is voor mijn situatie… ik weet het nog niet. Ik ben er wel van overtuigd dat ik in een stoel van Mercado beter zit dan in mijn huidige trippelstoel (Vela Tango). Maar of de hoepels erbij een meerwaarde zijn op mijn werkplek, weet ik niet.

Met een trippelrolstoel zou ik niet zo vaak hoeven overstappen van trippel- naar rolstoel. En ik hoef mijn rolstoel niet meer mee te nemen naar mijn werk.

Maar het zijwaarts kunnen trippelen zou ik wel missen. En ook de trippelrolstoel zou niet zo hoog kunnen om goed bij het bord te kunnen.

Misschien went het wel snel om de hoepels erbij te gebruiken om me in mijn kantoortje te kunnen bewegen. En kunnen we wat anders bedenken hoe ik het bord kan gebruiken. Ik ga het in ieder geval eens uitproberen binnenkort! Dan komt iemand van Zorgdrager samen met mijn ergotherapeut op mijn werk met een trippelrolstoel van Mercado.

Waar zit jij op tijdens je werk? En hoe bevalt dat?

kwaliteitenAls zowel het huiswerk van mijn revalidatiearts als dat van een onderzoek waar ik aan meedoe over vrijwel hetzelfde gaan, kan ik er net zo goed een artikel aan wijden! Dus hier komen ze dan, mijn sterkte en zwakke punten.

Sterkte karaktereigenschappen

Bij dat onderzoek waar ik aan meedoe, krijg ik vragenlijsten en opdrachten. Eén van die opdrachten was het invullen van een vragenlijst over je sterke karaktereigenschappen van VIA, Institute on Character. Hier moet je wel even een account aanmaken, maar het is verder wel gratis. Voordeel is dat je ook de taal kunt instellen. Als je bij 120 stellingen moet aangeven wat wel of niet bij je past, is dat wel net iets makkelijker in het Nederlands.

Je krijgt dan 24 karaktereigenschappen in een bepaalde volgorde. Bovenaan degene die het beste bij jou passen en onderaan die het minst bij je passen. Bij mij staan ze in deze volgorde:

  1. Eerlijk, oprecht en authentiek
  2. IJverig en een echte doorzetter
  3. Creatief, origineel en vindingrijk
  4. Moed en onverschrokkenheid
  5. Kritisch denker, objectief oordeel en onpartijdig
  6. Vermogen lief te hebben en zich te laten liefhebben
  7. Nieuwsgierig en belangstelling voor de wereld
  8. Eerlijk en rechtvaardig
  9. Levenswijs en een goed inzicht
  10. Hoopvol en optimistisch
  11. Teamwerker en loyaal aan de groep
  12. Vergevingsgezind en barmhartig
  13. Dankbaar
  14. Vriendelijk en gul
  15. Leergierig
  16. Leiderschap
  17. Sociale intelligentie
  18. Vrolijk en humoristisch
  19. Enthousiast, energiek en levenslustig
  20. Zelfbeheersing en discipline
  21. Waarderen van schoonheid en uitblinken
  22. Voorzichtigheid, zorgvuldigheid en discretie
  23. Bescheiden en nederig
  24. Spiritualiteit, zingeving en geloof

Bij die test staan ze natuurlijk nog wat meer toegelicht, maar op zich vond ik het zo ook al duidelijk en kon ik me erin vinden.

Kwaliteiten in mijn werk

Al ben ik niet verder dan een nominatie gekomen voor leraar van het jaar, die nominatie op zich was al een mooi compliment waar een paar van mijn kwaliteiten in omschreven werden:

‘Ze is een docent met een echte persoonlijkheid. Ze weet van allerlei werkplekken voorbeelden te noemen, zodat de klas zich de praktijk kan voorstellen. Positieve relatie met de klas, duidelijke grenzen wanneer het moet. Bovendien is ze een rolmodel omdat ze laat zien hoe je ook met een beperking kunt werken, met zo veel inspiratie en kennisoverdracht.’

Van mijn collega’s had ik vorig schooljaar wat post-its met complimenten op mijn rug geplakt gekregen tijdens een studiedag. Daarin werden punten genoemd als: zorgvuldig, gestructureerd, behulpzaam, vriendelijk, duidelijk.

En eigenlijk kan ik me wel vinden in wat anderen over me zeggen. Ik werk gestructureerd en kan mijn verantwoordelijkheid nemen, heb ook geen moeite om collega’s hierin aan te sturen. Wat betreft de examinering heb ik het overzicht in wat er komt en hoe het moet gebeuren, kan hier ook duidelijk uitleg en instructies over geven. Als iets niet loopt zoals zou moeten, ga ik ervoor om het probleem op te lossen.

Op dit moment doe ik er niet veel mee, maar het ontwikkelen van onderwijs en lessen is ook iets wat ik graag (en goed) doe. Mijn kennis en werkervaring van het werkveld waar ik mijn studenten voor opleid en wat ik geleerd heb tijdens mijn masteropleiding Leren & Innoveren, kan ik daar mooi bij gebruiken.

En ja, dat bescheidenheid niet bovenaan staat bij mijn sterke karaktereigenschappen is nu wel duidelijk geworden. 😉

Zwakke punten

Voordat mensen me nu spontaan gaan uitnodigen voor sollicitatiegesprekken, ik heb toch ook nog wel een paar zwakke puntjes…

  • Lange werkdagen zijn niet haalbaar. Op dit moment werk ik vier dagen van drie uur, maar hoop dit wel weer op te kunnen bouwen naar vier keer zes uur.
  • Reizen naar mijn werk is ook wel een dingetje. Nu ik in mijn eigen woonplaats werk, ben ik met de auto in vijf minuten op mijn werk. Met de scooter in tien minuten en met de fiets in twintig minuten. Dat is goed te doen, maar een half uur met de auto vind ik toch wel de max als het gaat om mijn werk. Filerijden is ook niet te doen als ik dit dagelijks moet doen om op mijn werk te komen.
  • Doordat ik maar korte dagen kan werken, is het lastig om bijscholing te volgen.
  • En binnen mijn korte werkdag kan ik maar maximaal twee lesuur lesgeven. Of eigenlijk op dit moment zelfs dat nog niet.
  • Alhoewel ik weet wat wel of niet goed is voor mijn lijf, vind ik het lastig om binnen die grenzen te blijven. Bijvoorbeeld om echt pauze te nemen, op tijd naar huis te gaan, thuis niet meer mijn mail te openen. Als iemand met een vraag komt, of als ik iets fout zie lopen, wil ik het gewoon graag oplossen. Het dan uit handen geven, vind ik erg lastig, want ik wil graag dat het goed gebeurt.
  • De piekbelasting rondom de diplomering is daardoor echt killing. Er is dan zoveel wat geregeld moet worden en wat niet uitgesteld kan worden, hierdoor ga ik toch vaak over mijn grenzen. Dat merk ik aan mijn lijf en het herstel hiervan duurt lang.

En wat te doen met die kwaliteiten, rekening houdend met mijn zwakke punten?

Voor de zomervakantie had ik al een deadline met mezelf afgesproken. Ik ben nu voor 50% ziek gemeld en als er op 22 oktober nog geen verbetering is, meld ik me voor 100% ziek. Maar, het is nog niet zover en ik ben voorzichtig aan wat positiever.

Tot nu toe lukt het me aardig om na een kort ochtendje werken de deur achter me dicht te trekken en thuis echt mijn rust te pakken. Ik heb het ook echt nog nodig, de zomervakantie was nog niet genoeg en daarna kon ik gerust na drie uur werken weer twee uur plat liggen om ervan bij te komen. Nu lijkt dat iets beter te gaan. Alleen zodra ik ook maar iets langer heb gewerkt, of voor de klas heb gestaan, dan ben ik weer terug bij af. Opbouwen zit er dus nog even niet in.

Maar ik zie wel nog steeds mogelijkheden. Het meesjouwen van mijn rolstoel in de auto en steeds over moeten stappen van trippelstoel naar rolstoel en terug, zijn wel echt energievreters. Als ik een goede stoel zou hebben waar ik mee achter mijn bureau kan werken, me kan verplaatsen in het gebouw en mee kan lesgeven, zou me dat veel schelen. Dus daar ga ik nu maar eens actie op zetten.

En verder gewoon maar heel erg goed op mijn grenzen blijven letten. Echt. Al is het alleen al omdat mijn team niet zonder me kan, haha!

 

lesgeven onderwijs

Inmiddels is de zomervakantie nu dan echt begonnen. Even weer een moment om terug te kijken naar het afgelopen schooljaar en vooruit te kijken naar het volgende. Of de daarop volgende schooljaren. En er is genoeg om over te piekeren en peinzen. De eerste helft van het schooljaar dacht ik zo goed bezig te zijn, maar ik had niet kunnen voorzien dat het zo zou lopen.

Deels ziek melden in het onderwijs: het werkt gewoon niet

Het werk is nooit klaar en met de verantwoordelijkheden die erbij komen kijken, is het gewoon heel erg lastig om je grenzen aan te blijven geven. Je wil toch dezelfde kwaliteit kunnen blijven leveren. Studenten moeten er niet de dupe van zijn dat ik nu even niet mijn hele aanstelling kan werken. Maar voor mijn lijf schiet dat dus niet zoveel op.

Twee jaar geleden was ik ook al tot die ontdekking gekomen, toen ik me voor 25% had ziek gemeld. Als je eenmaal je gezicht laat zien op je werk, wordt er door collega’s en studenten op je gerekend.

Dit jaar had ik me na de meivakantie voor 50% ziek gemeld en de laatste weken voor de zomervakantie werd dit zelfs 75%. En nog had ik niet het gevoel dat mijn lijf weer aan het herstellen was. Minder uren, maar nog steeds de verantwoordelijkheden van een examenleider, leverde alleen maar meer stress op. Ik sliep slechter en mijn werkweek van twee keer drie uur voelde als een fulltime werkweek. Ik was kapot.

Tijdelijke dip of blijvende achteruitgang?

Waar ik twee jaar geleden nog het gevoel had dat mijn lijf in staat was om te herstellen, begin ik daar nu een beetje het vertrouwen in kwijt te raken.

En aan alle kanten wordt het al tegen me gezegd. Mijn ergotherapeut vroeg zich hardop af of mijn achteruitgang niet gewoon blijvend was, in plaats van een tijdelijk dipje zoals ik het noemde. De bedrijfsarts vond dat ik misschien niet zo graag moet willen werken. Dat ik me op belangrijkere dingen moet richten, zoals mijn gezin. En mijn revalidatiearts kwam met de opmerking dat ik beter op mijn hoogtepunt kan stoppen, voordat ik zover aftakel dat ze me op een vervelende manier weg gaan werken.

Ja, het klinkt ook allemaal wel heel verstandig, maar mijn gevoel wil er gewoon niet aan. Het is maar werk, maar wat zou ik zonder moeten?

Deadline 22 oktober

Goed, er moet dus wel wat veranderen wil ik het nog langer vol kunnen houden. Na de zomervakantie blijf ik waarschijnlijk eerst nog even voor 50% ziek gemeld. Mijn taak als examenleider wordt gesplitst. Deze taak wordt steeds groter en is niet meer te doen door één persoon in een team met verschillende opleidingen. Hiermee word ik dus ontlast, krijg iets minder verantwoordelijkheden. Daarnaast zijn die collega’s straks zo goed ingewerkt, dat het geen drama is als ik toch nog uitval.

Maar, ik ken mezelf inmiddels wel een beetje en mijn revalidatiearts ook, dus heb ik een deadline afgesproken. Het is nu zo vaak gebeurd dat ik één stap vooruit doe en weer twee (of drie) terug, nu moet het gewoon echt gaan verbeteren.

Die deadline heb ik gezet op 22 oktober, het begin van de herfstvakantie. Als er dan nog geen verbetering is, meld ik me voor 100% ziek. Na een werkdag van drie uur moet ik na een half uurtje rust gewoon weer fit genoeg zijn om thuis wat te kunnen doen. Ik moet gewoon zeven uur kunnen slapen in een nacht. Vijf minuten kunnen lopen zonder pijn, bij het avondeten een half uur aan tafel kunnen zitten zonder pijn. Dat is allemaal toch niet teveel gevraagd?

En terwijl ik dit zo schrijf, denk ik tegelijkertijd: Jacq, wie neem je nou in de maling? Dit zit er echt niet meer in, wat je ook verandert in je werk.

Idealen in de prullenbak

Hoewel mijn gevoel zich er heel erg tegen verzet, heb ik er in mijn achterhoofd wel rekening mee gehouden dat het werken er op een gegeven moment niet meer in zit. En op zich maak ik me niet eens zoveel zorgen om het hele proces van afkeuren en hoe we er daarna financieel voor staan. Daar heb ik al het één en ander over uitgezocht en nagevraagd en dat moet te doen zijn.

Maar wat me nog het meeste dwarszit, is dat alles wat ik zo graag wilde bereiken met mijn werk, in de prullenbak kan. Ik ben het onderwijs in gegaan om mensen op te leiden voor het werkveld waar ik vandaan kwam. Om goede beroepskrachten te leveren, die ik zelf graag als collega gehad zou willen hebben. En waar ik mijn kinderen aan zou toevertrouwen.

Vijf jaar geleden heb ik mijn master in Leren en Innoveren behaald. Met het idee dat ik naast lesgeven ook achter de schermen bezig kon zijn met het vormgeven van goed onderwijs. De afgelopen veertien jaar heb ik zo ontzettend veel verschillende lessen gegeven aan de opleidingen Pedagogisch Werk, Onderwijsassistent en Maatschappelijke Zorg. Lessen waar ik toch best trots op ben.

Kan allemaal de prullenbak in. Al die kennis en ervaring doen er toch niet meer toe.

En ik merkte het al bij de laatste diplomering. Ik was er niet bij en ik werd niet gemist. Van de studenten die afstudeerden, was er maar één klas die nog les van mij heeft gehad en dat worden er steeds minder. Niemand die nog zegt: ‘Mevrouw, ik heb zoveel van u geleerd.’ Of: ‘U heeft me gemotiveerd om voor dit vak te gaan.’ De studenten kennen me alleen nog maar als die examenleider die komt zeuren als formulieren niet in orde zijn.

Nu al mis ik het lesgeven, het contact met studenten, het aanzetten tot leren, het ontwikkelen en creëren. Wat als daar straks helemaal niks van overblijft? Wat blijft er dan van mij nog over?

 

Lenovo Yoga 720Sinds de meivakantie ben ik voor 50% ziek gemeld en inmiddels is daar weer de helft van afgegaan. Nu werkte ik daarvoor al korte dagen, doordat ik mijn aanstelling van 24 uur verspreid had over vier keer zes uur. Daar is nu nog maar twee keer drie uur van over. Voor zolang het schooljaar nog duurt dan.

En dat thuiszitten… Dat is nog best een uitdaging.

Mijn werkdagen

Met het einde van het schooljaar in zicht, plan ik mijn werkdagen wat flexibeler. Zo kan ik toch bij de belangrijkste overleggen zijn, zoals de examenvergaderingen. Maar die drie uurtjes vliegen echt voorbij.

Het is vooral prioriteiten stellen, plannen, instructies geven en controleren wat ik nu doe. Vooral dat delegeren vind ik ontzettend moeilijk om te doen. Maar inmiddels heb ik het zo vaak van anderen gehoord en het tegen mezelf gezegd: ik moet het gewoon loslaten.

Het thuiszitten

Oef, dat ging wel even met vallen en opstaan in het begin.

De eerste week dacht ik: ik moet mijn rust nemen, dus veel liggen. Ik kreeg er spontaan nare plekken van op mijn huid, van al dat liggen. En meteen daarna sloeg ik door naar de andere kant. Om het liggen af te wisselen, ging ik maar wat achterstallige administratie opruimen. Maar voor ik het wist, zat ik een paar uur achter mijn bureau papieren te sorteren. Tja, dan had ik me net zo goed niet ziek hoeven melden, dat had ik op mijn werk ook kunnen doen.

Maar die balans erin vinden, dat vond ik toch zo lastig. Als ik eenmaal te lang op de bank lig, heb ik geen zin meer om wat te gaan doen. Maar als ik eenmaal ergens mee bezig ben, wil ik niet stoppen. Ik weet wel dat ik alles in stukjes moet hakken, maar het doen is een ander verhaal.

Pittige & milde salami

Ok, meer structuur dus. Dat kan ik wel. Ik ben opgegroeid tussen autisten en in mijn werk blink ik er altijd al in uit.

Op de salamitechniek weer een tandje scherper af te stellen, besloot ik mijn dagelijkse activiteiten onder te verdelen in pittige en milde plakjes salami. Een pittig plakje zou dan maar een half uur moeten duren, een mild plakje hooguit anderhalf uur. En na elk plakje een half uur rust, of een uur als een pittig plakje toch iets pittiger is uitgevallen.

Wat ik dan onder een pittig plakje salami versta:

  • Douchen, aankleden, ontbijt klaarmaken
  • De was doen
  • Vaatwasser in- en uitruimen
  • Boodschappen doen
  • Opruimen
  • Stofzuigen
  • Fitnessen
  • Fietsen
  • Dansen

En milde salami is bijvoorbeeld:

  • Werken aan mijn blog
  • Naaien
  • Borduren
  • Een spel doen met de kinderen
  • Op visite gaan
  • Op de laptop werken

Het werkt natuurlijk niet altijd om het exact in een half uur of anderhalf uur te proppen. Maar met dit als basis, kan ik op andere momenten wel iets flexibeler zijn.

Het rusten hoeft ook niet per se platliggen met de ogen dicht te betekenen. Op de bank hangen voor de tv, of een spelletje doen op de ipad, of een boek lezen, werkt ook prima bij mij.

Doelloos bankhangen is niks voor mij!

Hoewel het me na een werkdag van drie uur best lukt om hetzelfde aantal uur voor pampus te liggen, ga ik me op een vrije dag toch snel vervelen. En met de zomervakantie in aantocht, bedacht ik me dat ik wel wat kleine, kortdurende activiteiten kon inplannen, zoals:

  • Kleine naaiprojectjes, zoals ondergoed naaien. Ik heb nog een aardige doos vol restjes tricot die ik weg wil werken. En ondergoed wat matcht bij je jurk, hoe leuk is dat! Een hipster heb ik in een half uurtje geknipt en genaaid. Lekker snel resultaat dus.
  • Oefenen met de gebarenchallenge. In februari heb ik me opgegeven voor een gebarenchallenge. Hierbij krijg je elke week een filmpje met nieuwe gebaren die je kunt leren. En ik loop hier nogal in achter, dus daar mag ik wel wat aan werken.
  • Pinterest onder de knie krijgen. Ik zie zo vaak andere bloggers die profijt hebben van Pinterest. Dat wil ik ook wel natuurlijk! Mijn Pinterestpagina is nog een beetje een rommeltje, die mag wel wat gestructureerd worden. En dan meteen maar goed bijhouden.
  • Boek lezen: Living Life to the Fullest. Hier staat een programma in met oefeningen voor mensen met EDS. Ik heb het wel al eens doorgebladerd, maar ben er nog niet echt voor gaan zitten. Het is namelijk een behoorlijk dik boek. Maar als ik het eenmaal gelezen heb, kan ik er vervolgens ook wat oefeningen uit halen die voor mij nuttig zijn. Heb ik weer wat te doen.

En daarnaast is er nog genoeg ruimte om echt te relaxen hoor! Maar ik denk dat die kleine activiteiten me helpen om iets van een balans te vinden tussen ontspannen en inspannen. En tegelijkertijd me het gevoel geven dat ik iets bereikt heb aan het eind van de dag. Of aan het eind van de zomervakantie.

Wat zou jij als tip geven om het thuiszitten en bankhangen minder doelloos te maken?

In dit artikel is gebruik gemaakt van affiliate links. Daar merk jij verder niks van, maar mocht je op de linkjes klikken en in die webshop wat kopen, dan help je mij aan een paar centen.

shimmy shake talent carnival

Na een maand lang allerlei gastbloggers aan het woord te hebben gelaten, is het wel weer eens tijd voor een berichtje hoe het nu met mij gaat. Ik kreeg al verschillende keren de vraag hoe ik er nu voor sta wat betreft die ifuse. Daar wil ik best nog wel wat over kwijt natuurlijk. En op mijn werk hebben er inmiddels drastische veranderingen plaatsgevonden, dat ging gewoon niet meer. Maar ik heb ook positief nieuws, namelijk op dansgebied!

Plannen voor de ifuse voorlopig in de koelkast

Kunnen jullie het nog een beetje bijhouden?

Ruim een jaar geleden stelde mijn revalidatiearts voor om me te verdiepen in een ifuse. Dit is een operatie waarbij je SI-gewricht vastgezet wordt. Met het afwegen van de voors en tegens neigde ik meer naar niet doen.

Toch was ik benieuwd of een spuit in mijn SI wat zou uithalen, of dit een teken zou zijn dat een ifuse misschien toch wel een goed idee zou zijn. De spuiten haalden niets uit, dus legde ik me erbij neer dat het niks zou worden.

De laatste keer dat ik erover schreef, was ik toch weer aan het twijfelen gegaan. Een spuit in mijn trochanter zou moeten laten blijken waar de meeste pijn nu echt vandaan kwam.

Die spuit deed z’n werk goed, ik heb een paar weken amper pijn gehad in mijn heup. Weliswaar voelde ik daardoor wel wat andere pijntjes (waaronder in mijn SI) beter, die voorheen overschreeuwt werden door de pijn in mijn heup. Maar nu konden we in ieder geval met zekerheid zeggen dat de meeste pijn niet uit mijn SI komt, maar uit mijn trochanter.

En aangezien een ifuse die pijn niet weg kan halen, heeft dat geen zin. Dan is het zinvoller eerst die trochanter aan te pakken. Wellicht pakt dat meteen ook goed uit voor mijn SI en is een ifuse niet meer nodig.

50% ziek gemeld op mijn werk

Maar goed, dan kom je bij: HOE DAN??? Hoe zorg ik ervoor dat die pijn minder gaat worden? Je heup kun je niet vastzetten.

Met mijn revalidatiearts kom ik steeds weer bij hetzelfde uit: ik doe teveel, ga te vaak over mijn grenzen heen. Alhoewel ik zelf steeds denk dat ik wel genoeg stappen terug heb gedaan, denkt mijn lijf daar anders over. En het herstel komt dus maar niet.

Daar zat ik dus vorige maand al over te piekeren, over het verschil tussen kunnen en durven. Blijkbaar zet ik toch nog te vaak mijn pijn opzij om iets te kunnen doen. Maar eigenlijk kan ik het dan niet, want het is niet normaal om altijd maar pijn te hebben bij alles wat je doet.

Eigenlijk zou ik dus niet moeten lopen zodra mijn heup pijn begint te doen. Die pijn geeft al aan dat ik over mijn grens ga. Maar er blijft dan zo weinig over. Van de voordeur naar de auto zou dan al te ver zijn en op sommige dagen zelfs van mijn bed naar de badkamer.

Dus na mijn bezoekje aan de revalidatiearts ging ik nog even verder piekeren, maar eigenlijk wist ik het al: het is mijn werk wat me sloopt. En dan zit er niets anders op dan toch maar weer die lat verder omlaag te leggen en me deels ziek te melden.

De keuze voor 50% heb ik zelf gemaakt. Ik denk niet dat het goed voor me is om meteen naar 100% ziek melden te gaan. Ik moet iets hebben om mijn hoofd bezig te houden. Maar 25% leek me weer te weinig. Dat heb ik al eens eerder gedaan en daar ging een poos overheen voor ik daar fysiek wat van merkte.

En nu is het dan aan mij om te gaan voelen waar nu precies die grens ligt. Waar houdt mijn belastbaarheid op en start het overbelasten? Pas als het me lukt om onder die grens te blijven en dat zes weken vol te houden, kan er wellicht weer iets opgebouwd worden.

Ook leuk nieuws: ik mag meedoen met het Shimmy Shake Talent Carnival!

In maart deed ik mee met een Talent Search van de Shimmy Shake. In totaal waren er verspreid over Nederland vier rondes waaruit uiteindelijk twaalf dansacts gekozen zouden worden voor verdere coaching en een optreden in een theater.

Dat was ontzettend spannend, want waar andere fusion buikdanseressen op hun benen dansten, deed ik het in mijn dansrolstoel. Maar blijkbaar maakte het indruk, want ik mocht door voor coaching!

En morgen is dan het resultaat van die coaching te zien in een show. Niet alleen van mijn dans, maar ook van nog elf andere dansacts. Dit vindt plaats in ‘t Kapelletje in Rotterdam, op zondag 10 juni dus. Er is een show van 12.30 – 14.30 uur en één van 15.00 – 17.00 uur. En daartussen is er van alles te zien en te beleven in de tuin bij het theater. Kaartjes zijn nu al te koop via Shimmy Shake.

Over mijn werk en het dansen ben ik eigenlijk nog niet uitgepraat, dus binnenkort meer daarover. Maar hoe gaat het verder met jou?