fietsongeluk

Foto is met toestemming overgenomen van Flashphoto.nl

In een maand tijd kregen twee dierbaren van mij een ongeluk met de fiets. En op zo’n moment, dat je er niet meteen bij kunt zijn, hoop je toch op fatsoenlijke omstanders die te hulp schieten. Maar hoe verschillend kan dat zijn.

Fietsongeluk 1: Dochter gaat onderuit in een bochtje

In een bijna onverstaanbaar telefoongesprek werd ik pas door dochterlief gevraagd of ik meteen kon komen, want ze was gevallen en bloedde heel erg. Ik dacht nog even dat het vooral de schrik zou zijn en het vast wel mee zou vallen. Maar om haar zo snel mogelijk bij te kunnen staan, sprong ik op mijn scooter naar de plek des onheils.

Daar aangekomen was ik juist degene die zich de pestpokken schrok. Een plas bloed op straat, dochter onder het bloed en een verband om haar hoofd. En een hoop mensen om zich heen verzameld. Via die omstanders en mijn dochter hoorde ik wat er gebeurd was. Ze was in de bocht onderuit gegaan met haar fiets en met haar hoofd hard op de straat gevallen. Heel toevallig was er een verpleegkundige in de buurt, die van een taxichauffeur verband kreeg en haar dus kon verbinden. De straat werd afgezet met een auto, 112 was gebeld en een vrouw ‘met connecties’ zorgde er wel even voor dat de ambulance er snel zou zijn. Ze kreeg water aangereikt en een andere vrouw stelde voor om haar fiets in haar tuin te zetten, zodat deze niet ten prooi zou vallen van fietsdieven.

Toen de ambulance er eenmaal was en bleek dat we even naar de spoedeisende hulp moesten, bedacht ik me dat de pasjes (ID en zorgverzekering) thuis lagen. Maar ons huis lag op de route naar het ziekenhuis, dus reden ze daar even langs.

Ondertussen had ik bedacht dat ik in het ziekenhuis niet ver zou komen zonder rolstoel, dus nam ik ook mijn wandelstok mee toen we bij ons huis waren. In de ambulance legde ik aan de verpleegkundige uit dat ik EDS heb en normaal een rolstoel buitenshuis gebruik. Ze was enorm begripvol, snapte meteen dat ik daar puur op adrenaline liep en op een later moment wel zou instorten. Aangekomen in het ziekenhuis nam ze mijn dochters schooltas uit mijn handen (man, die dingen zijn echt loodzwaar) en ging ze op zoek naar een zo comfortabel mogelijke stoel voor mij.

Al met al is het goed afgelopen: het gat in haar hoofd kon gelijmd worden en verder was er niet zo veel aan de hand. Mijn man was inmiddels klaar met werken en kwam ons ophalen, met mijn rolstoel. ‘s Avonds haalde hij de fiets op, waar de behulpzame vrouw nog eens vroeg hoe het met onze dochter was. En diezelfde week kreeg ik een bericht van een collega met dezelfde vraag. Die had via een oud-student gehoord wat er gebeurd was, die had met haar moeder mijn dochter opgevangen voordat ik er was.

Fietsongeluk 2: Vriendin wordt aangereden na een avondje uit

Na een avondje stappen met mijn vriendin is het de gewoonte dat we elkaar op de hoogte houden als we veilig zijn thuisgekomen. Dit keer stuurde ik wel een berichtje, maar kreeg geen bericht terug. Eigenlijk maakte ik me op dat moment geen zorgen, het ging immers altijd wel goed en was meer een gewoonte dan dat het echt nodig was. Ik stuurde nog een laatste berichtje dat ik hoopte dat ze goed thuisgekomen was en ik naar bed zou gaan.

De volgende ochtend zag ik dat er een berichtje van haar verstuurd was na drie uur ‘s nachts: ‘Ik lig in het ziekenhuis.’ Daarnaast een berichtje van haar vader met wat meer uitleg. Ze was dus onderweg naar huis aangereden door een auto en die bestuurder was doorgereden na het ongeluk.

Geen idee hoe lang het voor haar geduurd heeft voor ze geholpen werd, maar getuigen waren er dus niet. Gelukkig heeft ook zij er geen ernstig letsel aan overgehouden, dat had zomaar anders kunnen zijn.

Op Facebook volgde ik de nieuwsberichten hierover, omdat hier ook een oproep werd gedaan voor getuigen. Zelf deelde ik dit bericht ook, dat leverde een reactie op van een letselschadeadvocaat die er wel brood in zag. Verder nog geen reacties van getuigen gelezen, wel vooral veel veroordelende reacties naar de bestuurder die door is gereden. Op zich terecht, maar heel veel schiet je er niet mee op. En vrolijk word je er al helemaal niet van.

Zo hoort het dus wel/niet

Het moge duidelijk zijn dat ik positief onder de indruk was van hoe de omstanders handelden bij het fietsongeluk met mijn dochter. Zo ontzettend betrokken en behulpzaam. Mensen die elkaar niet kenden, werkten samen om mijn dochter (en mij) op te vangen en te helpen.

Maar wat een verschil met het tweede fietsongeluk van mijn vriendin. Nu is dat wel op een ander tijdstip gebeurt, maar dan nog. Hoe haalt die bestuurder het in zijn of haar hoofd om door te rijden nadat je iemand geraakt hebt? Ongeacht wiens fout het is, je stopt toch om te kijken hoe het met de ander gaat? En dan zo’n aasgier die ervan denkt te kunnen profiteren. Bah.

En weet je, ik ben zelf ook echt geen held als het om ongelukken gaat. Als ik zie dat er iets is gebeurd en er staan een hoop mensen om heen, dan denk ik: ‘Mooi, genoeg mensen die kunnen helpen, mij hebben ze niet nodig.’

Maar ik probeer in ieder geval die inschatting te maken. Of mijn hulp nodig zou kunnen zijn, of dat ik alleen maar in de weg zou staan als pottenkijker. En als er maar één of twee omstanders zijn, dan vraag ik sowieso of ik ergens bij kan helpen.

Het zou toch fijn zijn als je in zulke situaties op je medemens kunt rekenen. Dat je niet aan je lot wordt overgelaten en er geen misbruik van de situatie gemaakt wordt. Maar blijkbaar is dat helaas niet voor iedereen vanzelfsprekend.

Hoe handel jij als je een ongeluk hebt zien gebeuren?

2 antwoorden
  1. Monique Haverkamp
    Monique Haverkamp zegt:

    Ik zou juist gaan helpen ,al gaat dat moeilijk als je niet kunt lopen en even je rolstoel uit kunt stappen,maar ik kan nog altijd bellen en vragen als diegene bij bewustzijn is hoe het gaat ,ik ben wel zo maar is een ander ook zo?
    Maar ik zou in ieder geval iets doen dat is mijn aard nou eenmaal.

    Beantwoorden
  2. Mieke van der Doef
    Mieke van der Doef zegt:

    Toevallig ging er van de week een meisje onderuit met haar fiets, terwijl ik erachter reed met mijn scootmobiel. Ik ben gelijk gestopt en heb eerste hulp verricht en haar verbonden.
    Ik stop altijd om te kijken of ik wat kan doen en meld indien nodig dat ik verpleegkundige ben geweest.
    Ik heb ook een klein eerste hulp tasje in mijn scootmobiel, dat ik ooit bij een tombola gewonnen had.
    Hoe vaak ik mensen opgelucht heb horen zuchten, dat er iemand was met kennis en met ervaring.
    Soms is het alleen al fijn dat iemand de leiding neemt en zegt wat er moet gebeuren. Geruststelling voor de omstanders en de mensen die gestopt zijn om te helpen terwijl ze aan het werk zijn, kunnen weer verder. Wat ik regel het verder wel.
    Zo heb ik al vele keren hulp geboden bij allerlei soorten ongevallen.
    Ooit heeft de politie mij wel moeten helpen weer in mijn scootmobiel te komen, omdat ik zelf niet meer overeind kon komen. Ik heb ook EDS. Dus die combinatie voormalig verpleegkundige en huidig “eds-er” is soms wel eens onhandig.
    Maar doorrijden is er bij mij nooit bij.

    Beantwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.