Berichten

apple emoji's gehandicaptenHeb je ze gezien, die nieuwe emoji’s die Apple in wil voeren? Met dertien emoji’s willen ze een start maken met het beter vertegenwoordigen van mensen met een beperking. Hartstikke mooi toch?

Daarnaast is Google Maps begonnen met het aangeven van rolstoeltoegankelijke routes. Helaas nog niet hier in de buurt (enige Europese stad tot nu toe is Londen), maar het is een stap in de goede richting. En voorlopig gebruik ik Google Streetview dan maar om te zien hoe toegankelijk een locatie is.

Maar wat een contrast is dit met wat er nu in Nederland speelt…

Klachten over ontoegankelijkheid bij het stemmen

Bij de verkiezingen vorige week zijn er via een meldpunt 110 klachten binnengekomen over de toegankelijkheid bij het stemmen. Dit ging bijvoorbeeld over de toegang van het stembureau, de hoogte van de schrijfplank, de leesbaarheid van het stembiljet en de hulp in het stemhokje.

En nu willen ze dit dan wel voor de volgende verkiezingen opgelost hebben, maar dat had best wat eerder gemogen. Zeker met het VN-verdrag dat er nu toch echt wel al een tijdje ligt.

Mensen met een handicap onder minimumloon

En dan dit: in een nieuw wetsvoorstel wil men dat werknemers met een handicap voortaan betaald krijgen naar productie. Als dit onder het minimumloon komt, vult de gemeente dit aan.

Leuk dat de gemeente nog iets aanvult, maar ondertussen bouwt die werknemer geen pensioen op en minder aanspraak op werkloosheids- of arbeidsongeschiktheidsuitkering.

Pas bij vijf werkdagen, inclusief aanvulling van de gemeente, kom je zo op een minimumloon. Ik vraag me überhaupt af of die doelgroep bestaat: werknemers die door hun beperking een lage productie hebben, maar wel fulltime kunnen werken.

Wie bepaalt trouwens wanneer een werknemer met een handicap een lage productie heeft? Ik heb ook wel collega’s gehad die er de kantjes van afliepen. Of collega’s die geen beperkingen hadden, maar toch om de haverklap ziek waren. Die kregen gewoon hun volle salaris, bouwden alle rechten op, gingen elk jaar weer een trede omhoog qua salaris…

Op deze manier wordt een werknemer met een handicap totaal niet gezien als een werknemer die meetelt. Terwijl je zou denken dat we in deze tijd wel daarnaartoe zouden willen.

Nuggers zijn flink de lul

Ik heb die naam ook niet bedacht, maar nuggers staat dus voor niet-uitkeringsgerechtigden. Mensen die bijvoorbeeld niet kunnen werken vanwege een beperking, maar ook niet in aanmerking komen voor een wajong of wia. Die mogen straks dus gaan werken onder het minimumloon, als blijkt dat ze door hun beperkingen niet de productie kunnen halen die verwacht mag worden.

Dus dan maken ze wel de uren, verzieken ze hun lijf nog meer (waardoor ze het waarschijnlijk ook niet volhouden tot hun oaw), maar krijgen ze een armoedig loon en bouwen ze niets op. En zolang ze nog wat spaargeld hebben, of een eigen huis, of een partner met inkomen, hoeft de gemeente niets aan te vullen.

Waar gaat dit naartoe in de toekomst?

Nu heb ik nog niet zoveel te klagen. Het stembureau was zo dichtbij (en zonder wachtrij), dat ik er zonder rolstoel heen kon. En ik verwacht wel dat tegen de tijd dat ik bij alles mijn rolstoel nodig heb, ze wel wat meer aangepast hebben. Ik heb in ieder geval al van twee politieke partijen de vraag gehad of ik mee wilde denken over de toegankelijkheid hier in de gemeente.

Maar wat betreft mijn werk of inkomen maak ik me meer zorgen om de toekomst. Ik ben op mijn zeventiende al begonnen met werken. Ik ging parttime werken toen de kinderen kwamen, met het idee dat ik later wel weer fulltime kon gaan werken. Maar dat heb ik niet meer kunnen opbouwen en dat gaat ook niet meer gebeuren. Sterker nog: hoe meer ik werk, des te meer maak ik mijn lijf kapot.

Ik verwacht niet dat ik tot mijn 67e zal kunnen blijven werken. Ik verwacht wel dat als het zover is, dat ik arbeidsongeschikt verklaard zal worden. De afgelopen jaren en nu nog steeds heb ik al op zoveel manieren laten zien dat ik koste wat het kost wil blijven werken. Op het moment dat ik echt het bijltje erbij neer moet gooien, zal er dan geen andere mogelijkheid meer zijn. En dan maar hopen dat er dan nog genoeg inkomen overblijft om gewoon in ons huis te kunnen blijven wonen en de studie van onze kinderen te kunnen betalen.

Maar vertrouwen op: ik heb altijd hard gewerkt en bijgedragen, dus ik heb recht op een passende uitkering als dat nodig is, daar geloof ik inmiddels niet meer zo in.

En jij? Heb jij er vertrouwen in dat de overheid de juiste beslissingen neemt als het gaat om toegankelijkheid en participatie? Tellen mensen met een beperking net zo goed mee hier in Nederland?

gemeenteraadsverkiezingen

Vandaag mogen we weer stemmen, zowel voor de gemeenteraadsverkiezingen als voor het referendum over de nieuwe wet op de inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Noem me ouderwets, maar ik vind nog altijd: als je niet stemt, moet je ook niet klagen. Alhoewel ik niet zo’n hoge pet op heb van een raadgevend referendum, denk ik wel dat mijn stem voor de gemeenteraadsverkiezingen verschil kan maken. Al is het maar om tegenwicht te geven aan de partijen waar ik absoluut niet teveel van in mijn stadje wil terugzien.

Maar dat kiezen, is nog best lastig.

Mijn stem krijg je niet als…

  • Je niet eens de moeite hebt genomen om de spellingscontrole door je verkiezingsprogramma te halen.
  • Je niet verder kunt kijken dan je eigen stokpaardje en zo voorbij gaat aan al het andere wat in de gemeente speelt.
  • Je alleen maar met een vingertje kan wijzen en zelf geen concrete oplossingen aandraagt.
  • Je vanuit je geloof politieke beslissingen neemt. Sorry, maar dat is gewoon niet zo mijn ding.
  • Je verkiezingsprogramma meer weg heeft van een sprookjesboek dan de realiteit.

Blanco stemmen

Als er echt geen enkele partij is waar ik achter zou kunnen staan, is er altijd nog de optie van blanco stemmen. Ik heb het jaren geleden weleens gedaan, ik geloof bij de landelijke verkiezingen.

Een blanco stem telt wel mee voor de opkomst, maar gaat niet naar een partij. Voor het referendum heeft het dan nog een waarde, omdat daar een opkomstdrempel van 30% is. Stel dat er zonder de blanco stemmen geen 30% behaald zou worden, dan wordt de uitkomst van het referendum niet meegenomen in de uiteindelijke beslissing.

Maar verder is een blanco stem dus vooral symbolisch. Je laat dan zien dat je wel onderdeel wil zijn van de democratie, maar dat je je niet kunt vinden in de programma’s van de deelnemende partijen.

Waar ik dan wel op ga stemmen?

Op het moment dat ik dit schrijf, ben ik nog een zwevende kiezer. Voorheen had ik wel een voorkeur bij één van de partijen hier in de gemeente. Maar op dit moment vind ik ze niet zulke hele sterke punten hebben. En alhoewel ze in het verleden best wat bereikt hebben, heb ik nu soms het idee dat ze maar wat roepen, zonder dat ze het waar kunnen maken. En de partij waar ik bij de landelijke verkiezingen op gestemd heb, spreekt me hier in de gemeente helemaal niet aan.

In de hoop een goede keuze te kunnen maken, heb ik een paar stemwijzers ingevuld en bij vrijwel alle partijen het verkiezingsprogramma doorgenomen. Echt heel veel wijzer werd ik daar niet van. Sommige punten vind ik gewoon niet zo belangrijk en andere punten miste ik juist weer.

Wat ik vooral miste, was hoe de de partijen omgaan met het toegankelijk maken van onze gemeente. Die wet op toegankelijkheid is er toch al een tijdje en er is wat dat betreft toch echt nog wel flink wat werk aan de winkel.

Op de Facebookpagina van Salami stinkt had ik hier een berichtje over geplaatst en wat partijen getagd. En dat leverde een paar reacties op van lokale politici, erg verhelderend. Interessant ook om te zien welke partijen dan reageren en hoe. Het heeft me wel weer wat opgeleverd in het wegstrepen. En tegelijkertijd besef ik dat er gewoon geen partij bestaat die echt helemaal precies voor ogen heeft wat ik belangrijk vind.

Ach, ik kom er nog wel uit voor het einde van de dag.

Laat jij je stem horen vandaag?

dansrolstoel antikiepwielGisteren werd de jaarlijkse rapportage over de naleving van het VN-verdrag handicap in Nederland overhandigt aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

In het nieuws (NOS, NRC, AD) kwam al naar voren dat Nederland er niet zo goed uit kwam. Eigenlijk op alle gebieden niet: onderwijs, werk, wonen en algemene toegankelijkheid. Maar ik wilde het zelf eens nalezen, dus bladerde ik het rapport door.

Waarom dit rapport?

Op 14 juli 2016 is het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap in werking gesteld. Vanaf dat moment zou in Nederland inclusie de norm moeten zijn. Niet de persoon met een beperking, maar de samenleving moet zich aanpassen.

Het College voor de Rechten van de Mens houdt toezicht op de implementatie van dit verdrag. Een jaar later zijn ze gaan bekijken in hoeverre dit verdrag nageleefd wordt, om zo aanbevelingen te kunnen geven aan de regering.

Naar aanleiding van een inventarisatie onder mensen met een beperking en belangenorganisaties hebben ze beleid, maatregelen, rapportages, enzovoort bestudeerd. Ook zijn er vragenlijsten ingevuld door meer dan duizend mensen met een beperking (of hun ouders) en organisaties geïnterviewd. Hierbij hebben ze zich gericht op een aantal onderdelen uit het verdrag: toegankelijkheid, gelijkheid voor de wet, onderwijs, arbeid, zelfstandig wonen en deelnemen aan de samenleving.

Al met al niet voldoende om een representatief beeld te geven, maar het laat wel zien waar veel mensen met een beperking tegenaan lopen. Vanuit deze gegevens zijn er een aantal aanbevelingen gedaan in het rapport.

Opvallende punten uit het rapport

Nu kijk ik er misschien met andere ogen naar. Sommige dingen kom ik wel vaker tegen en zijn voor mij dus een open deur. Bijvoorbeeld hoe ontoegankelijk het openbaar vervoer is. Of het ontbreken van fatsoenlijke invalidentoiletten in de horeca. Of dat passend onderwijs niet zo goed past.

Maar sommige punten vielen mij op, omdat ik me er niet eerder bewust van was. Hier zijn er een paar:

  • In Caribisch Nederland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba) is het verdrag nu niet van toepassing. Dit zouden ze in de toekomst wel willen.
  • Er wordt wel gezegd dat gebouwen toegankelijk moeten zijn, maar concrete normen waar dat dan aan moet voldoen zijn er te weinig (bijvoorbeeld in het Bouwbesluit). En waar er wel concrete normen zijn (Webrichtlijnen), is er te weinig toezicht. Zelfs overheidswebsites voldoen niet aan die normen.
  • Voor het openbaar vervoer zijn streefpercentages opgesteld voor de toegankelijkheid, maar deze zijn nooit geëvalueerd.
  • Hulp bij het stemmen mag wel bij mensen met een lichamelijke (visuele) beperking, maar nog niet bij mensen met een verstandelijke beperking.
  • Het verschilt per regio of een kind met ondersteuningsbehoefte wel of niet wordt aangenomen in het reguliere onderwijs.
  • Mensen met en beperking die niet onder de Participatiewet of Wet banenafspraak vallen (omdat zij wel het minimuminkomen kunnen verdienen), komen moeilijker aan een baan.
  • De gemeente bepaalt waar jij gaat wonen, als je een rolstoeltoegankelijke woning nodig hebt.

En nu wordt alles beter?

Er staat een aardig lijstje met aanbevelingen in het rapport waar de minister mee aan de slag kan. Ik ben erg benieuwd wat ze hier verder mee gaan doen.

Het belangrijkste uit dit alles vind ik dat zoveel nog niet op de hoogte zijn van wat toegankelijkheid nu eigenlijk inhoudt voor mensen met een beperking. Bewustwording hiervan is dus echt nodig voordat het ooit een inclusieve samenleving kan worden. En dan niet alleen voor die mensen met een rolstoel, maar ook voor de minder zichtbare beperkingen.

Om dat te kunnen bereiken, hoef je niet op die minister te wachten. Er zijn al heel veel initiatieven die hiermee bezig zijn, op verschillende manieren. Sommigen leggen hierbij de nadruk op wat niet goed gaat en willen dit bespreekbaar maken of oplossen. Anderen geven het goede voorbeeld door zelf te laten zien hoe mooi inclusief kan zijn.

Zoals inclusiedans bij Misiconi Dance Company, waar professionele dansers met of zonder beperking samen dansen. Of Sue’s Warriors, die vanuit de mode- en beauty-industrie een eerlijker en krachtiger beeld van mensen met een beperking neer willen zetten. En wat betreft die laatste hoop ik volgende week meer te kunnen vertellen. Want op 8 december mag ik bij de officiële lancering van Sue’s Warriors zijn. Ben superbenieuwd naar wat ik daar allemaal ga zien en meemaken!

Wat is voor jou het meest opvallend uit het rapport over de naleving van het VN-verdrag? En wat zou volgens jou echt dringend moeten veranderen?

 

 

Van 2 tot en met 7 oktober is het de Week van de Toegankelijkheid, met als thema ‘Aan tafel!’ Het is hetzelfde thema als vorig jaar, maar dan is het dit jaar meer gericht op jongeren. Nu val ik daar zelf wel niet echt meer onder, maar wilde er toch weer even over meepraten. En wel over foodtruckfestivals, hoe ik deze ervaar en hoe ik denk dat de toegankelijkheid verbeterd kan worden.

Foodtruckfestival

Je ziet ze steeds meer, die foodtruckfestivals. Soms als een op zichzelf staand festival, maar ook vaak in combinatie met een markt of muziekfestival.

Het is een verzameling busjes en caravans, die omgebouwd zijn om hapjes en drankjes klaar te maken en te verkopen. De één heeft bijvoorbeeld pannenkoeken, de ander smoothies en weer een ander een broodje worst. Nu noem ik even de simpelste gerechten, maar vaak kun je er ook terecht voor biologisch en/of vegetarisch eten.

Van de oorspronkelijke bus of caravan is niet veel meer te herkennen, deze zijn allemaal bedekt met een laagje verf of bestickering en voorzien van een originele naam. Met ieder z’n eigen smaak, zowel qua eten als qua stijl, is het een gezellig, vrolijk en bont geheel om te zien.

Toegankelijkheid foodtruckfestivals

Ik kom niet naar een foodtruckfestival omdat het nou zo toegankelijk is. Ik kom er voor de gezelligheid en voor wat lekkers en heb verder geen hoge verwachtingen. Op zich heb ik niet zoveel nodig. Met mijn freewheel kom ik ook over het hobbelige gras, ik heb altijd wel mensen bij me die me iets willen aangeven of een duwtje willen geven en dat toiletbezoek stel ik wel uit tot ik thuis ben.

Maar toen ik bij een Facebookberichtje las dat iemand een foodtruckfestival rolstoelvriendelijk noemde, trok ik toch wel even mijn wenkbrauwen op. Los van de mensen die er rondlopen en die heus wel vriendelijk zijn naar rolstoelgebruikers, is een foodtruckfestival alles behalve roltoelvriendelijk of -toegankelijk. En wel om de volgende redenen:

  1. Gras: Zelfs met freewheel moet ik echt wel moeite doen om me te kunnen verplaatsen over een festivalterrein. Het ligt er natuurlijk net aan welke locatie gekozen is voor een festival. Ze bestaan ook zonder gras. 😉
  2. Krappe opstelling festivalterrein: Een ander zou het knus noemen, maar vanuit mijn rolstoel heb ik graag het overzicht en dat heb ik bij dit soort festivals niet. Je moet je continu tussen de rijen en tafels doorwurmen. En bij het festival wat je hier op de foto’s ziet, heb ik de muziek wel gehoord, maar er niks van gezien. Terwijl het niet eens zo druk was.
  3. De combinatie vieze handen en eten: Rollen door drassig gras en modder zorgt voor vieze handen. Niet erg fris om dan met die handen daar te gaan zitten eten.
  4. Eten of drinken boven je hoofd aan moeten pakken: Hartstikke leuk al die gezellige karretjes, maar voor staande mensen zijn ze vaak zelfs al aan de hoge kant. Zittend je bordje nasi aanpakken van iemand die staat in een hoge bus of caravan, is vragen om een nasi-douche.
  5. Eten en drinken op je schoot meenemen: Met het hobbelige gras heb ik toch echt allebei mijn handen nodig om te kunnen rollen. En als je dan je maaltijd (vaak op een minibordje of een servetje) op je schoot mee moet nemen, kun je maar beter geen lichte kleren aan hebben. Een plastic bekertje tussen je knieën klemmen is ook een kunst op zich. Geen rode wijn voor mij op festivals dus.
  6. Geen aangepast toilet: Die leuke toiletcaravan met opstap past natuurlijk helemaal in het plaatje bij de rest van de foodtrucks, maar handig is het niet als je er met rolstoel gebruik van wilt maken.

Tips voor een betere toegankelijkheid bij foodtruckfestivals

Eigenlijk is het nog best lastig om tips te geven gericht op betere toegankelijkheid, zonder dat het de charme en knusheid van zo’n festival schaadt. Ik doe toch een poging:

  1. Terrein/opstelling: Rekening houdend met de rijen die zich vormen voor de foodtrucks, is het prettig als er een pad is waarbij je zonder obstakels over het terrein kunt. Ideaal zou een betegeld of geasfalteerd pad zijn, maar als er alleen maar ruimte is, is dat al een pluspunt.
  2. Opfrisdoekjes: Als je eten verkoopt op een smerig buitenterrein waar geen kraan in de buurt is, is het geen overbodige luxe om wat van die (vochtige) opfrisdoekjes mee te geven. Zelf heb ik meestal wel snoetenpoetsers bij me (ook handig voor poep aan je wiel).
  3. Eten/drinken meenemen: Wat zou het mij handig lijken als er naast de foodtruck een tafel staat waar je je bestelling kunt afhalen. Of beter nog: meteen daar kunt nuttigen. Het is altijd zo’n gehannes met geld aangeven en weer wegstoppen, eten of drinken aanpakken en snel weer wegwezen voor de volgende in de rij. Ik zou er ook best wat statiegeld voor overhebben om mijn eten op een fatsoenlijk dienblad mee te krijgen (met antislip aan de onderkant en hoge randen).
  4. Toilet voor mindervaliden: Gelukkig zie je deze bij de grotere festivals wel en vaak dan zelfs afgesloten en netjes schoongehouden. Als je hier als kleiner festival een keuze in moet maken, dan zou ik het niet eens zo gek vinden om het aangepaste toilet gewoon voor iedereen toegankelijk te houden. Zolang er geen lange rijen zijn en het goed schoongehouden wordt, hoeft dat niet zo’n probleem te zijn voor de mensen die het nodig hebben.

Ben jij weleens op een foodtruckfestival geweest? Wat zou volgens jou hier de toegankelijkheid van kunnen verbeteren?

Tijdens onze vakantie in Spanje (provincie Gerona) hebben we een paar plaatsen bezocht. Gewoon om een beetje rond te wandelen en de sfeer te proeven. En behalve het Dalí-museum in Figueres en Castell del Montgri bezochten we Barcelona, Gerona en Pals.

Girona SpanjeGerona

Het plan was om hier te gaan shoppen. Allereerst kwamen we bij iets van een shoppingmall, maar die viel zo tegen, dat we het centrum in zijn gegaan.

Het was een warme dag, dus we zochten al snel de schaduw op in de smalle winkelstraatjes. Het stikt van de toeristen, maar de winkels zijn daar (gelukkig) niet allemaal op gericht. Behalve de standaard winkels zijn er een hoop leuke kleine winkels met aparte kleding. Sommige winkels zagen er wat te duur uit om naar binnen te willen. Maar ik heb achteraf wel spijt dat ik niet die ene winkel met leuke jurkjes in retrostijl binnen ben gegaan. Ik vond het te warm om te gaan passen enzo. Maar toen na een lange middag shoppen iedereen wat leuks had gevonden behalve ik, was ik toch wel een beetje sip.

Ondanks dat ik niet geslaagd was met shoppen, heb ik erg genoten van het zien van al het moois in de stad. Als je omhoog kijkt in die smalle straatjes, zie je al die gezellige balkonnetjes, sommigen zelfs met een hangmat erin. En die straatjes komen dan weer uit op een plein vol met terrassen, waar we heerlijk geluncht hebben.

We hebben lang niet alles kunnen zien, omdat we er niet zoveel tijd voor hadden uitgetrokken. En daarnaast is gewoon niet alles zo toegankelijk. Regelmatig werden we gedwongen een andere route te kiezen, omdat een straat in een trap eindigde.

Barcelona SpanjeBarcelona

Het was wel een ritje van dik twee uur om hier te komen, maar wilde er toch ook een keer geweest zijn. De auto hadden we geparkeerd vlakbij de haven en aan het begin van de Ramblas. Wat een bloedhete parkeergarage was dat, ik heb medelijden met de vrouwe die daar de hele dag in uniform moest werken.

Met de aanslagen van vorige week is het vreemd om te beseffen dat wij daar vlak ervoor ook op de Ramblas gelopen hebben. Niet lang overigens, want het was er ontzettend warm en iets te toeristisch naar mijn smaak. We zochten dus weer snel de smalle winkelstraatjes rondom de Ramblas op.

We hadden niet veel op ons wensenlijstje, maar wilden in ieder geval de Sagrada Familia gezien hebben. Lopend daarnaartoe kwamen we nog meer prachtige gebouwen tegen. Wat dat betreft zou ik best een keer wat langer in Barcelona willen verblijven, ik zou onder andere van Gaudi nog wel meer willen zien.

De Sagrada Familia hebben we niet van binnen bekeken en ik moet eerlijk zeggen dat we ook al vrij snel klaar waren met het bekijken van de buitenkant. Ik kende het alleen van de foto’s en het verbaasde me dat de ruimte eromheen zo krap was. Geen groot plein of wat dan ook, maar direct aan de (drukke) straat. Aan de overkant is wel iets van een parkje, maar dat was tegelijkertijd de verzamelplek voor de busladingen toeristen.

Het is echt wel een bijzonder mooie kathedraal, maar door de drukke en krappe omgeving kon ik er toch niet echt zo van genieten als ik had gehoopt. Je ziet gewoon niet zoveel vanuit een rolstoel als iedereen hutje mutje staat.

Op de terugweg vond ik het dan ook een verademing om vanaf de Arco de Triunfo door een park te lopen. Hier was een breed pad voor voetgangers met hier en daar wat straatartiesten.

Tot slot kwamen we weer bij de haven aan, waar echt megaboten liggen trouwens. Daar nog een hapje gegeten en weer in de auto gestapt.

Pals SpanjePals

Ons appartement was in Platja de Pals, een paar kilometer van Pals zelf. Bovenop een heuvel ligt de middeleeuwse kern van Pals. Eigenlijk had ik de hele vakantie niet eens zo door dat dit een toeristische trekpleister was, tot we er zelf heen gingen op de laatste dag.

Wij gingen hier heen tijdens de siësta. De meeste terrassen en winkeltjes in dit oude gedeelte van Pals waren gewoon open, maar toch was het parkeren gratis tijdens de siësta.

Sommige huizen zijn bewoond, maar in de meeste bevinden zich winkeltjes (vooral kunst en souvenirs) en horeca. Het deed me ook wel een beetje denken aan Mont Saint-Michel in Frankrijk, maar dan kleiner. Ook van de buitenkant nog al dat mooie middeleeuwse, maar verder vooral op toeristen gericht. Wel een stuk goedkoper en net ietsje toegankelijker dan Mont Saint-Michel. Ietsje maar hoor, want ook hier ging de straat regelmatig over in een trap en kon ik geen enkele winkel binnen zonder uit mijn rolstoel te stappen.

Behalve de mooie oude gebouwen, vond ik de planten ook prachtig om te zien. Cactussen zo groot als bomen en van alles wat in bloei staat, dus overal kleur.

Ben jij weleens in Gerona, Barcelona of Pal geweest? Is er nog iets wat ik heb gemist?

Salvador Dali Museum

Je had het misschien al uit het artikel over mijn avontuurlijke bergbeklimming opgemaakt: we zijn dus op vakantie geweest in Spanje, in de provincie Girona. Niet ver van ons appartement was het Salvador Dali museum te vinden, in de stad Figueres.

Toegankelijkheid Dalí museum

Zoals met alle uitstapjes informeer ik van tevoren hoe (rolstoel-)toegankelijk een locatie is. Op de website van het Dalí museum stond al aangegeven dat je met een rolstoel maar een paar delen van het museum kon zien. Ook had ik ergens gelezen dat het een ontzettend druk bezocht museum is. Dat bij elkaar deed me beslissen om de rolstoel in de auto te laten en met de wandelstok het museum te bezoeken.

En dat was maar goed ook. Want die paar delen die je wel met rolstoel kunt zien, dat is dus echt maar een klein deel van het museum. En met alle drukte kon ik ook niet halverwege mijn rolstoel ergens achterlaten of mee de trap op sjouwen.

Alhoewel ik de drukte nog best vond meevallen. Ik had het drukker verwacht, iets meer net zoals het Achterhuis van Anne Frank of zoiets. Maar de stoeltjes die her en der verspreid stonden, waren zelfs leeg. Dus ik kon regelmatig even zitten om uit te rusten. Of misschien was het wel een kunstwerk en waren ze daarom leeg…

Omdat het ooit een theater was, is de indeling best apart. En ontzettend onpraktisch als je net als ik niet zo goed loopt. Smalle gangen en heel veel trappen. Omdat het druk is en je alles wil zien, ontkom je niet aan slenteren. Het is net één grote rij.

De moeite waard?

Alhoewel ik geen kunstliefhebber ben, vond ik toch wel dat ik dit een keer gezien moest hebben. De bekende kunstwerken van Dalí vind ik sowieso erg mooi en ik was wel nieuwsgierig naar meer.

En meer was er zeker te zien, heel veel meer. Niet alleen in het aantal kunstwerken, maar ook in de stukken zelf blijf je nieuwe, verrassende dingen zien. En het museum zelf, wat vanuit een ruïne door Dalí verder ontworpen is, is uniek en prachtig om te zien.

Er is een binnenplaats waaromheen galerijen zijn die elk in een ander thema gevuld zijn. In de kozijnen staan goudkleurige poppen (zie links op de foto) die over de binnenplaats uitkijken. Onder de grote glazen bol bevindt zich het voormalige podium, wat nu gevuld is met een enorm schilderij. Verder zijn er zowel grote als kleine ruimtes, met grote en kleine werken.

Je kijkt je ogen uit, zoveel en zoveel diversiteit.

Dus alhoewel het echt een martelgang was voor mijn lijf, vond ik het zeker de moeite waard!

Dit was het tweede deel van onze vakantieavonturen in Spanje. Volgende week het derde (en laatste?) deel.

castell del Montgri

Wat is dat toch met die EDS’ers die zo nodig bergen moeten beklimmen? Martine (Welkom in de wereld van een kneus) trotseerde rotsen en zandpaadjes voor een mooi uitzicht over Horseshoe Bent. En bij Max Laadvermogen/WheellifeActionHero zag ik dat ze een enorme trap van 50 treden beklommen had om van een prachtig uitzicht over een rivier te genieten.

En tja… dat kasteel dat zo prachtig lag te pronken op die heuvel… Waar we elke dag wel langsreden of vanaf het strand van konden genieten. Dat wilde ik ook weleens van dichtbij bewonderen. Dus stevige schoenen aan, bekkenband om, wandelstok èn rolstoel met Freewheel mee en gaan met die banaan. Het was maar een wandelingetje van twee kilometer vanaf de parkeerplaats, met een beetje afwisselen van rolstoel naar lopen moest dat best lukken.

Dus we begonnen enthousiast aan de tocht. Het begin van het pad zag er redelijk uit, was goed te doen met rolstoel. Maar om mijn man’s kuit- en armspieren wat te besparen, begon ik met een stukje zelf lopen.

Waarschijnlijk was het eerste gedeelte van het pad het meest belopen en waren er meer wandelaars die al snel omkeerden, dan die de beklimming afgemaakt hadden. Want al snel werd het pad minder egaal, lagen er enorme stukken steen en was er geen mogelijkheid om in de rolstoel te zitten en naar boven geduwd te worden. Maar goed, ik had de knop toch al omgezet en wilde per se verder. Dan maar lopend.

En toen kwam er een stuk waar de rolstoel zelfs niet zonder inzittende over het pad kon. Omkeren en de rolstoel terugbrengen was ook geen optie, dan zou het alleen maar langer duren. En met het vooruitzicht dat ik bovenop de heuvel dan in ieder geval in de rolstoel kon uitrusten, nam mijn man de rolstoel op zijn rug mee. Want het was vast alleen maar dit stukje pad, toch?

Nee dus, als snel bleek dat het pad ook verderop vol met rotsblokken lag. Voor mij was het lopend niet meer te doen, dus parkeerde ik mijn rolstoel bij een middeleeuwse Dixie. Daar kon ik in de schaduw wachten tot de rest van het gezin weer terug was. Ik had het nog bijgehouden met een app, in de hoop achteraf te kunnen opscheppen hoeveel ik wel niet gelopen had. Maar dat was nu dus maar net iets meer dan een kilometer, maar halverwege de berg.

freewheel castell del Montgri

Al snel kwam mijn oudste dochter terug om mij te vergezellen, zij vond het toch ook te ver lopen/klauteren. We hebben ons wel vermaakt met het uitzicht en de mieren die druk in de weer waren. En gelachen om de wandelaars die vol verbazing naar mij en mijn rolstoel keken. Het moet er ook wel vreemd uit hebben gezien: hoe komt die rolstoel nou weer halverwege een berg met een bijna onbegaanbaar pad?!

Mijn man en jongste dochter zijn dus wel tot de top gekomen en het duurde zeker anderhalf uur voor ze weer terug waren.

En toen moest ik dus nog naar beneden. Dat viel nog best tegen. Nu had ik natuurlijk die knop in mijn hoofd alweer teruggedraaid en in de ‘luister nou verdorie eens naar je lijf’-stand gezet. Ik had geen mooi kasteel om naar uit te kijken als beloning voor het lopen, alleen de auto die op de parkeerplaats stond te wachten.

Zodra het pad het toeliet, kon ik gelukkig weer in mijn rolstoel zitten. En dan scheelt het dus enorm om een Freewheel eraan te hebben, anders had ik nog een flink stuk verder moeten lopen, voor het pad echt weer een beetje rolstoeltoegankelijk werd.

Castell del Montgri

castell del Montgri

Zie hier dat prachtige kasteel, wat ik niet van dichtbij heb kunnen bewonderen. Het is gebouwd tussen 1294 en 1301, maar nooit afgemaakt, omdat de oorlog die er toen was alweer over was.

Je kan (heb ik vernomen) de zee zien en het dorpje waar ons appartement was.

Ik moet eerlijk zeggen dat de teleurstelling niet eens zo heel erg groot was. Alhoewel ik tegen mijn man en kinderen wel had gezegd: ‘We zien wel hoe ver we komen, er is genoeg moois om van te genieten’, had ik me wel ingesteld op het behalen van de top. Ik dacht echt dat ik het wel kon. Maar dan nog, het is me niet gelukt, so be it. Teleurstellingen wennen blijkbaar.

Dit was dan het eerste deel van onze vakantieavonturen in Spanje. We hebben er nog veel meer beleefd en ik zal er vast nog wel een paar van delen!

vakantie Spanje rolstoel emigrerenJa, de vakantie was leuk hoor. Maar man, wat ben ik blij om weer in ons eigen kikkerlandje te zijn!

En alhoewel ik weleens van mensen hoor dat ze veel minder fysieke klachten hebben in een warm land, deel ik die mening niet. Geen haar op mijn hoofd die eraan denkt ooit te emigreren.

En wel om de volgende redenen:

1. Warm = benauwd

Zodra het kwik boven de 24 graden uitkomt, is het of mijn luchtpijp een stuk dichtgeknepen wordt. Gewoon continu. Ik moet erg mijn best doen om niet te gaan hyperventileren.

Maar er is daar toch een ander klimaat, waardoor het minder benauwd zou moeten aanvoelen? Nou, ik merk geen verschil. Warm staat bij mij gelijk aan benauwd, waar dan ook.

2. Warm = extra veel pijn

Van anderen hoor ik weleens dat ze bij warm weer minder last hebben van hun gewrichten. Helaas gaat die vlieger bij mij niet op.

Ik voel me net een plumpudding, mijn spieren moeten veel harder werken om mijn gewrichten bij elkaar te houden. Elke stap die ik zet, voelt wiebelig en doet pijn. Zitten trouwens ook. En zelfs liggend lukt het me niet om een houding aan te nemen die geen pijn oplevert.

In het water is het heel even fijn om gewichtloos te zijn en een klein beetje af te koelen. Maar al snel komt de pijn weer opzetten, omdat met die gewichtloosheid mijn gewrichten nog meer die uiterste standen opzoeken. En om dan uit het water zien te komen en naar een stoel strompelen is helemaal een hel.

Met dat warme weer kies ik er, tegen beter weten in, toch te vaak voor om geen stevige schoenen te dragen. Omdat ik toch al veel zit of lig, zijn schoenen niet erg comfortabel. Het is dan kiezen tussen de ene of de andere pijn.

3. Geen fatsoenlijk boterhammetje met kaas te krijgen

Ik ben dan nog net niet zo’n typische Nederlander die de eigen aardappelen en hagelslag meeneemt van thuis. Maar mijn eigen boterhammetjes mis ik wel hoor!

Het duurt vaak even voordat we ontdekt hebben welk brood het beste in de smaak valt. Teveel wit, te zoet (waarom?? Als ik zoet brood wil, smeer ik er wel iets zoets op!), te zwaar, te droog, te vet en te duur brood.

Uiteindelijk zijn we dan toch maar voor het dure brood gegaan, dat smaakte toch het beste. Maar niet zo lekker als het brood wat we thuis bij de supermarkt halen.

4. Heuvels/bergen

Echt, ik weet niet of het anderen weleens is opgevallen, maar Nederland is best plat. En dat vind ik wel fijn. Het kost me een stuk minder energie om me te verplaatsen.

Met al die heuvels en bergen op vakantiebestemmingen kan ik echt niet uit de voeten. Lopend niet en rollend niet. Ik voel me dus enorm beperkt en afhankelijk van mijn man en kinderen, die mij ondersteunen bij het lopen of duwen als ik in de rolstoel zit.

Eigenlijk is het vooral ook als we op vakantie zijn dat ik me afvraag waarom ik geen gehandicaptenparkeerkaart heb. Ik red het gewoon niet om de straat uit te komen of vanaf de parkeerplaats naar de bestemming te komen zonder hulp.

5. Toegankelijkheid

Nog iets wat je pas opvalt als je het mist. In Nederland wordt er soms (terecht) een punt gemaakt als iets niet toegankelijk is voor mensen met een beperking. Maar ik ben tijdens mijn verschillende vakanties nog geen plek tegengekomen waar het beter geregeld is. In een grote stad kom je de meeste winkels wel in. En er zijn dan voldoende invalidentoiletten, alhoewel je soms niet wil weten hoe die achtergelaten worden door toeristen die even de lange rij willen overslaan.

Maar daarbuiten hoef je niet veel te verwachten. Dan mag je op de straat rollen, omdat de stoep nergens een helling heeft om op of af te komen. Restaurants en winkels hebben vaak een flinke opstap, als er al een plaat ligt, dan is deze vaak zo steil dat ik er nog niet zelf op kan komen.

Het lijkt soms wel of ze er in eerste instantie wel over nagedacht hebben om iets toegankelijk te maken, maar dat het (soms letterlijk) verzandt. Bij ons (volgens de website rolstoeltoegankelijke) appartement was het pad naar de voordeur enorm overgroeid. En de houten vlonders op het strand waren grotendeels verdwenen onder het zand, of zo ver verschoven, dat je het zelfs met een wheelie niet zou redden van de ene naar de andere plaat.

6. Taal

Man, wat voel ik me een kluns als ik me uit moet drukken in een andere taal. Engels gaat best aardig, maar dan moet de persoon tegenover mij het ook wel redelijk kunnen spreken. Frans, Duits, Spaans, Italiaans… Tja, daar houdt het al snel op na de standaard woorden en zinnen. Verstaan of lezen gaat nog wel een beetje, maar het spreken laat ik liever aan een ander over.

Tijdens de vakantie neem ik het maar voor lief, maar ik zou er niet aan moeten denken om bijvoorbeeld op mijn werk een andere taal te moeten spreken. Ik geloof niet dat je mij dan voor de klas wil hebben, haha!

7. Verbranden of onder de pukkels

Van ons gezin verbrand ik het snelst. De meiden hebben van hun vader nog wat Indische trekjes met daarbij een huid die iets meer zon kan verdragen. Ik moet me elke dag insmeren met factor 30. Of binnen blijven, maar dat is ook zo ongezellig.

Ik zoek al zoveel mogelijk de schaduw op en op het strand leg ik toch vaak weer een handdoek over mijn schouders na een kwartiertje zon. En dan nog verbrand ik, want er is altijd wel ergens een plekje wat niet goed ingesmeerd is.

Maar alles maar insmeren, bah, wat heb ik daar een hekel aan. Die vette troep op je huid. Ik krijg er ook meteen pukkeltjes van. Dus als ik al niet rood word van het verbranden, dan ben ik wel rood van de pukkeltjes. Een andere kleur wordt het niet.

Het fijnste van op vakantie gaan, is het thuiskomen!

Heerlijk weer in je eigen bed. Overal de weg weten. Wifi die het gewoon doet. De tv aanzetten en het gewoon kunnen volgen. Altijd iemand te vinden bij wie je kunt aankloppen. Een stuk koeler, dus meer energie om wat te gaan doen. En ik kan er sowieso veel meer kanten op.

En nu ik weer heerlijk mijn draai thuis heb gevonden, zal ik heus nog wel iets van onze vakantie-avonturen in Spanje vertellen. Wordt vervolgd!

Ben jij ooit ergens op vakantie geweest waar je wel zou willen blijven wonen? Of moet je er ook niet aan denken om te emigreren?

 

watdajel #storytellerOp zaterdag 19 november mocht ik mee met Misiconi Dance Company naar het Watdajel Festival in Utrecht. Een heel ander festival dan Fringe, waar we in juni optraden.

Het was voor ons een try-out voor Road movie en #Storyteller. Met #Storyteller danste ik mee, de teaser hiervoor hadden we al een paar weken eerder opgenomen vlakbij de Euromast in Rotterdam.

Watdajel

En hoewel de start ‘s ochtends wat onduidelijk was: waar we mochten oefenen, wat onze kleedruimte werd, enzovoort, werd er tijdens het festival goed voor ons gezorgd. Eten en drinken, interesse van mensen die er werkten en van het publiek zelf.

Op Watdajel was er van alles te zien en te beleven: kunst, muziek, dans. Ik vond het een beetje de sfeer hebben van een enorm kraakpand. Een beetje rommelig, maar erg leuk allemaal! Op de muren hingen foto’s, collages en andere kunstwerken, er draaiden dj’s in verschillende ruimtes en behalve onze dansgroep waren er nog andere (dans-)optredens. Er hing een grote wolk waar je met je hoofd in kon en in een tentje kon je een diashow op een ipad bekijken, terwijl je op een muur geprojecteerd werd.

Het publiek was over het algemeen leuk en enthousiast, maar het was voor mij als enige rolstoelgebruiker daar lastig om tussen de mensen te manoeuvreren. Misschien was dit publiek het niet zo gewend, of is het omdat het een binnenlocatie is, maar mensen gingen maar weinig uit zichzelf een stap opzij. Ik heb zelfs een keer een lelijke blik gehad toen ik per ongeluk iemands hiel meenam tijdens het rollen. Haar ‘oh…okaaaaay…’ als reactie op mijn ‘sorry’ met die bijbehorende blik vond ik best apart.

Toegankelijkheid Nutrecht

De locatie was Nutrecht, een voormalige NS-loods. ‘s Ochtends was het echt nog koud, pas toen er ‘s middags meer publiek was en er wat warmte van de foodtrucks kwam, werd het wat warmer. Heel stom, maar ik had niet zo op die kou gerekend. Had wel een warm vest en beenwarmers, maar mijn handschoenen had ik niet meegenomen en die miste ik toch wel!

Toen ik aankwam bij Nutrecht, schrok ik even van de enorme trap die naar de ingang leek te leiden. Gelukkig was er een ingang aan de zijkant en was het hele festival gelijkvloers. De vloer bestaat uit betonplaten die niet overal even netjes aansluiten, maar op zich gaf dat niet heel veel problemen. Alleen tijdens het dansen was het wel iets om rekening mee te houden.

Hier en daar had ik wel wat moeite met drempeltjes, maar dat komt ook omdat ik met het kiepwieltje niet zover met mijn voorwieltjes omhoog kan. Mijn dansrolstoel is gewoon ingesteld op een vlakke dansvloer en niet om buiten mee te rollen. Ik durf ook nog niet zonder kiepwieltje met deze rolstoel, omdat ie veel sneller kiept dan mijn gewone rolstoel.

Toilet was wel een minpuntje: hier moest je een trap voor op. Nu kan ik dat wel en lukt het me zelfs om vervolgens kort in de rij te staan wachten tot ik aan de beurt ben. Maar erg praktisch is het niet. In het cafeetje om de hoek waar we tussen de middag aan het opwarmen waren was wel een ‘invalidentoilet’. Als je niet te kieskeurig bent tenminste. Met rolstoel naar binnen gaan, paste nog maar net. Maar er was dus niet eens een wasbak, daarvoor moest je naar het andere toilet, waar de deur zo smal was, dat ik mijn rolstoel op de gang moest achterlaten.

#Storyteller

Het idee achter #Storyteller is dat het publiek zelf het verhaal bij de dans bedenkt, foto’s of filmpjes maakt en dit deelt via Instagram, Facebook of Twitter met de hashtag: #Storyteller. Nu was het een try-out, maar we gaan ‘m nog vaker laten zien! Maar voor wie niet kan wachten, is hier het filmpje van ons optreden op Watdajel:

Ben je nieuwsgierig naar het andere stuk van Misiconi? Hazel, één van de andere dansers van Misiconi, heeft hier een blog over geschreven, zij danste mee met Road movie.

Welk verhaal zie jij in #Storyteller? Delen mag, graag zelfs!

aan tafel

In de Week van de Toegankelijkheid staat van 3 tot en met 8 oktober de toegankelijkheid in horeca centraal. Die toegankelijkheid  voor gehandicapten is dit jaar al een paar keer in het nieuws geweest: in januari werd een wetsvoorstel door de Tweede Kamer aangenomen, in april ging de Eerste Kamer ook akkoord, in juni lag het in New York en in juli ging het verdrag in. En hoewel het verdrag al is ingegaan, gaat de verplichting pas in op 1 januari 2017.

Maar wat hebben ze nu eigenlijk afgesproken? In de uitvoering van het verdrag staat onder andere beschreven:

Het wetsvoorstel ziet niet op het treffen van algemene voorzieningen, maar betreft uitsluitend de verplichting tot het treffen van doeltreffende aanpassingen in een concreet geval. Voorts is de verplichting afhankelijk van de specifieke situatie en bestaat deze niet als het een onevenredige belasting vormt. De wet gelijke behandeling op grond van handicap of chronische ziekte wordt gewijzigd in die zin dat die wet wordt uitgebreid met het terrein goederen en diensten.

Kort gezegd: iedereen die iets te verkopen heeft, moet ervoor zorgen dat ze ook toegankelijk zijn. Als het nodig is en niet teveel moeite is. Of zoiets.

Toegankelijk maken? Hoe dan?

Ik geef het ze te doen hoor, die horeca-ondernemers die nu hun best moeten gaan doen om hun zaak toegankelijk te maken. Want dat is nogal een dilemma: in hoeverre ben je bereid in te leveren op je sfeer en knusheid, om maar toegankelijker te worden? Is dat toegankelijke toilet de opoffering van een paar tafels waard?

Op de website van Week van de Toegankelijkheid is een handleiding te downloaden waarin wordt uitgelegd hoe je horeca toegankelijker kan maken. Wat ik een goed punt vind hieruit, is dat ze de gastvrijheid benoemen. Een vriendelijke ober kan een hoop goedmaken. Als ik me welkom voel, ook al is het niet zo handig dat ik aan kom zetten met een rolstoel, voelt een restaurant voor mij meteen een stuk toegankelijker.

Bij wie van de vier ga ik het liefst aan tafel?

Ik ga graag uit eten/drinken met mijn gezin of vriendinnen en ik heb het geluk dat ik zelf ook nog het één en ander kan aanpassen. Deze vier voorbeelden zijn een gemiddelde van wat ik zoal tegenkom:

Vreetschuur A

Deze vreetschuur is vrij nieuw gebouwd en voldoet bouwkundig gezien keurig aan de eisen. Een mooi invalidentoilet, geen drempels, ruime deuropeningen. En bij binnenkomst wordt er even nagevraagd welke tafel het handigst zou zijn voor ons: het wordt een tafel vlakbij het buffet. Want ja, het is een all you can eat lopend buffet restaurant.

En daar komt het eerste probleem al: met een bord op schoot tussen hongerige mensen rollen. Tweede probleem: drinken mag je ook zelf pakken, dat doet mijn tafelgenoot dus voor me. Maar het vervelendste vond ik toch wel dat je in de loop zit van het type mens dat op die vreetschuren afkomt: alles draait om zoveel mogelijk eten in die twee uur waar je voor betaald hebt. Even opletten waar je loopt of überhaupt ‘sorry’ zeggen als je met je lompe lijf tegen mijn rolstoel loopt, is dan teveel moeite…

Sjiek restaurant B

Het restaurant bevindt zich in een historisch pand waarbij je alleen via een trap naar binnen kunt komen. Van tevoren heb ik op de website foto’s bekeken en gezien dat ik er met mijn rolstoel echt niet binnenkom. Maar de metro stopt vlakbij en de stoelen zien er comfortabel genoeg uit om een avond op door te brengen.

Bij onze tafel aangekomen wordt zowel mijn jas als wandelstok aangenomen en bij vertrek uiteraard weer gebracht. Het restaurant is ruim opgezet, ik kan me er makkelijk bewegen zonder me tussen stoelen en tafels te hoeven wurmen.

Café C

Bij het wijntjes drinken met vriendinnen bij café C heb ik van tevoren het weer eens goed bekeken. Het zou nog tot diep in de nacht warm blijven, de stoelen op het terras zijn waardeloos om op te zitten, dus heb ik mijn rolstoel als stoel.

Het terras is druk en rommelig, ik kan er met geen mogelijkheid met mijn rolstoel doorheen om naar binnen te gaan. Voor het halen van de wijntjes geef ik af en toe een vriendin mijn portemonnee mee, maar die wijntjes eruit plassen moet ik toch echt zelf doen. Dus dit keer ben ik degene die met haar lompe lijf tegen stoelen loopt. Ik zeg overigens wel ‘sorry’.

Foodtruck D

De foodtruck staat daar ontzettend hip te zijn op een gezellig festival. Voordat je er iets kan kopen, moet je eerst in de rij voor munten en daarna weer in de rij om wat te kopen. Met al die rijen heb ik zeker weten mijn rolstoel nodig, alleen is een festivalterrein daar niet echt op ingesteld. Er liggen onmogelijke drempels over kabels heen, verder is er gras met rondslingerende mensen.

Zelf wat eten bestellen gaat niet. Ja, ik kan roepen wat ik wil, maar ik kan negen van de tien keer niet vanuit mijn rolstoel de muntjes aangeven of het eten aanpakken. En al zou ik het kunnen aanpakken: eten uit een foodtruck ligt meestal niet op een fatsoenlijk bord wat je op schoot kan zetten. Nou ga ik meestal niet in mijn uppie naar zo’n festival, dus ik heb altijd wel iemand bij me om me te helpen, maar onhandig is het wel.

 

Weet je, eigenlijk kan ik niet zo goed een keuze maken waar ik het liefst aan tafel ga. Ook al hebben ze allemaal wel hun verbeterpuntjes in toegankelijkheid, het houdt me niet tegen om erheen te gaan. Het is niet zozeer het gebouw, maar het zijn juist de mensen die het voor mij toegankelijk maken. Mensen die voor gezelligheid zorgen, mee willen denken en rekening houden met anderen. Niet alleen het personeel of de mensen met wie ik op stap ben, maar ook de andere klanten. Dat maakt voor mij de vreetschuur nog het minst populair, maar ik heb nog lang niet alle vreetschuren gehad.

Tips voor toegankelijke horeca in de regio Rotterdam zijn van harte welkom! Waar eet/drink jij graag?